Burgemeester Jan Rijpstra: Inzien dat samenwerking loont

DRACHTEN „Vanaf het eerste begin, toen er gesproken werd over Corona, gaat in je hoofd iets spelen. Wat als het bij ons komt?” Burgemeester Jan Rijpstra van Smallingerland was al in een vroegtijdig stadium van de coronacrisis op zijn hoede.

„Zijn we er klaar voor om dat op te vangen? Die gedachte speelt al heel snel. Je weet dat de organisaties, met name de Veiligheidsregio Fryslan, bijeen gaan komen. Er worden afspraken gemaakt en landelijk wordt vanuit de regering aangegeven, zo gaan we het doen. Je doet wat je wordt opgedragen, wel in goede samenspraak, ook met burgemeesters onderling of de GGD. Dat is heel belangrijk geweest. En ook dat je vooral in eigen gemeente weet hoe het gaat, dat je er bent voor medewerkers en voor wie maar met vragen komt. Je richt een crisisorganisatie in.”

Smallingerland stond op scherp. De maatregelen hebben ook op Rijpstra zijn effect gehad. „Zeker toen ze verzwaard werden, anderhalvemeter, thuiswerken en zo min mogelijk op pad. Dan pas weet je wat het betekent om beknot te worden in je vrijheid. Je kunt je niet voorstellen dat het ons kan overkomen . Je kunt niet meer zomaar even een restaurant binnenstappen. We hebben het niet in onze macht.”

Rijpstra had veel contact met de inwoners. „Ik kreeg het gevoel bij mensen - en ik heb velen gesproken - dat men onzeker werd. Er is geen vaccin of medicijn. Maar ik zag ook dat mensen er over praatten, goed luisterden en zich in de regel uitstekend hebben gehouden aan de afspraken. Ook al ging het wel eens mis en moest er worden opgetreden. Maar ik neem mijn petje af voor onze inwoners.”

Bellen

Rijpstra had in het begin ook contact met patiënten. „Ik belde met mensen die het virus hadden gekregen en behoefte hadden aan een gesprek. „In ‘Veiligheidsregio-verband’ hebben we gezegd, daar waar behoefte is, staat de burgemeester klaar. Het werk gaat natuurlijk ook door, zoals huwelijksjubilea. Dat was dan bellen, en dan praat je ook over corona. Het contact werd erg gewaardeerd. Ik bel ook met regelmaat met de directie van onder meer De Warrenhove of Nij Smellinghe. Dat schept ook weer een band en je blijft in verbinding met elkaar. Ik merk ook dat er meer contact is tussen mensen. We wandelen zelf veel in de omgeving en de meeste mensen groeten elkaar. Of maken even een grapje over de anderhalvemeter”, merkt de burgemeester op.

„Of ik de crisis heb zien aankomen? Een beetje wel. Je volgt wat er in het buitenland gebeurt, bij epidemieën wordt het toch overgebracht. In het zuiden ging het heel snel, ik vroeg mij toen wel af hoe lang het nog zou duren tot het hier zou zijn. In het zuiden wonen mensen dichter op elkaar en heeft het carnaval nogal bijgedragen aan de verspreiding. Hier in het Noorden is het binnen de perken gebleven. De werkwijze en samenwerking van o.a. GGD, ziekenhuizen, artsen ging ook erg goed en hebben zij goed en snel gehandeld. De meeste mensen hielden zich aan de regels. Dan voelt het voor mij als burgemeester goed, dat je laat zien dat wij een crisis aankunnen.”

Rijpstra heeft oog voor de middenstand. Zij hadden namelijk veel last van de crisis. De enige zaken die goed tot zeer goed scoorden waren tuincentra, supermarkten en doe het zelf-zaken. In Drachten is een initiatief opgezet waarbij lokale ondernemers hun producten berzorgen. „Een prachtig initiatief en een mooie oplossing in deze tijden. Ik was het er 100 procent mee eens dat dit werd gerealisseerd. En ik vind het heel leuk dat ik als vrijwilliger af en toe mag helpen bezorgen.”

Versterken

Het vervolg moet nu ook in beeld komen, als het aan Rijpstra ligt. „Wat als straks meer mogelijk wordt? Daar moet je nu alvast over nadenken. De horeca vroeg meer ruimte op straat, dat is samen met de ondernemers in kaart gebracht. Je moet kijken hoe je elkaar kunt versterken. Ik hoop dat dit ook een vervolg gaat krijgen als het nog weer wat ruimer wordt. We moeten in de toekomst meer samenwerken. Ook zoals bij aanpassing van de verkeersstromen op De Kaden. Er is sprake van maatwerk, maar dan wel van twee kanten. Niet in de zin van ‘u vraagt en wij draaien’. Ik hoop dat iedereen inziet dat samenwerking loont. Voor een kerstmarkt of wat ook... We zullen met elkaar moeten leren leven, en de anderhalvemeter blijft nog wel even.”

In zijn eigen omgeving heeft de burgervader geen corona-ervaring. „Even afkloppen. Ik heb wel hooikoorts. Of mensen opkijken als ik nies? Dat doe ik zelf ook als iemand staat te niezen. Mensen zijn zich er bewust van, maar zijn ook hygiënischer.” Als ervaren bestuurder in de sportwereld weet Rijpstra ook dat bewegen en open lucht erg belangrijk is. „Ik ben blij dat het sport voor de jeugd snel is toegestaan. Ook ouderen moeten weer de mogelijkheid krijgen, ik verwacht wel dat er nog rekening moet worden gehouden met de maatregelen. Ik sport zelf ook, wandelen, hardlopen, tennis, af en toe een golfballetje slaan en met ons bootje in het water. Een BM’er uit 1947, een echte. Dat hopen we vaker te doen.”