Boeren en burgers samen

NIJ BEETS De boerenstand ligt tegenwoordig onder een vergrootglas. Bijna dagelijks komen de boeren in het nieuws, over hun aandeel in de huidige stikstofcrisis, hun frustraties, hun acties en hun pogingen te komen tot een oplossing.

Hoe ervaren de boeren in Opsterland dat? Twee boeren, Albert Mellema uit Olterterp en Warner van der Leeuw uit Nij Beets, beiden bestuurslid van de agrarische natuurvereniging “De Alde Delte” doen hun verhaal. Mellema: “Ik ben boerenzoon en bij mij zat de interesse voor koeien en het boerenbedrijf er al vroeg in. Ik volgde na de middelbare ook de hogere landbouwschool. Na mijn opleiding heb ik acht jaar een andere baan gehad als stamboek inspecteur en veel gereisd waar ik heel veel van heb geleerd. Ik heb nog een broer maar gelukkig is dat een paardenman, die niet zoveel van koeien moet hebben. Zodoende kon ik mijn vader op een gegeven moment opvolgen. Het is een prachtig vak, je bent vrij, je neemt je eigen beslissingen, je bent veel buiten en ik werk graag met koeien.”

Van der Leeuw: “Bij mij is het zo’n beetje hetzelfde verhaal ook qua opleiding. Na mijn opleiding heb ik een tijd bij een boer gewerkt en ben langzaam thuis in het bedrijf gegroeid dat ik in 2012 van mijn vader kon overnemen.”

Natuur-inclusief

Beiden doen aan natuur inclusieve bedrijfsvoering, dat is niet biologisch maar benadert het kringloopdenken. Dit betekent dat je zoveel mogelijk rekening houdt met de natuur, dierwelzijn en de sociale aspecten in het dorp. Dit is ook wat de agrarische natuurvereniging nastreeft. Mellema: “Eigenlijk doen we al lang wat de overheid wil zoals meer weidegang, minder eiwitrijk krachtvoer en het aanlengen van mest met water. We zijn niet doof voor wat er in de gemeenschap leeft en willen graag zoveel mogelijk samenwerken. We merken ook dat eigenlijk alle boeren wel iets willen doen aan de problematiek. Het probleem is wel dat wij er van moeten bestaan, het moet niet ten koste gaan van het inkomen. Ik weet van een biologische boer dat hij het zonder krachtvoer heeft geprobeerd, maar daarvan teruggekomen is omdat het heel slecht ging met de koeien. Vooral in de winter kun je niet zonder.”

Het koeienras kan ook van belang zijn. Zo wordt wel voorgesteld om een dubbelras te nemen, zoals bijvoorbeeld de oude rassen: Fries Hollands, Fries Roodbont of Blaarkop. Die kunnen ook vlees leveren. Van der Leeuw: “Het nadeel van deze oude zeldzame rassen is dat ze niet zijn doorgefokt en geselecteerd. Dat betekent een enorme daling van melkproductie waar te weinig tegenover staat. De Holstein Frisian levert wel een veelvoud aan melk. Zelfs een biologische boer zal niet snel overgaan tot één van de bovengenoemde oude rassen.”

Verdienmodellen

Mellema: “De melkprijs (0,35 euro per liter) is sinds 30 jaar niet mee omhoog gegaan terwijl de kosten blijven stijgen. Je bent gebonden aan de wereldmarkt. Er moet dan wel meer geproduceerd worden om uit de kosten te komen. Er worden verschillende pogingen gedaan om tot een ander verdienmodel te komen. Ook wel met succes. Remeker, een boer die kaas verkoopt is daar een goed voorbeeld van. Maar als iedereen dat gaat doen dan werkt dat niet meer. Ook heb je er heel veel werk van waar maar weinig inkomsten tegenover staan. Als onze streekproducten in de schappen staan, pakt de klant toch vaak het goedkopere product.”

De Alde Delte is een agrarische natuurvereniging met ruim 100 leden in gemeente Opsterland. Het maakt deel uit van het collectief Elan dat in Zuid-Oost Friesland, aan weidevogel-, houtwallen- en elzensingel beheer doet. De vereniging staat open voor vernieuwing en samenwerking, op diverse gebieden. Hieronder vallen het agrarisch natuurbeheer en de biodiversiteit, maar ook de verduurzaming van de landbouw en de veenweide problematiek. “Het gebied leent zich daar heel goed voor. Zo heb je bijvoorbeeld de boomwallen, vroeger werden die allemaal verwijderd.” Vorig jaar is er met Europees subsidiegeld een project gestart waarbij houtwallen en -singels worden hersteld en bovendien nieuwe wallen en singels worden aangelegd. Dit betekent ook herstel van het landschap. De afgelopen twee jaar heeft de vereniging zonnebloemen langs maispercelen gepromoot.

Kruiden

Een ander project is ‘Koeien en kruiden’ dat in samenwerking met Hogeschool Van Hall van Laren in 2019 is opgestart. Er wordt onderzocht wat voor effect kruidenrijk grasland op de gezondheid van de koe heeft. Het doel is de kosten aan diergezondheid (en misschien wel antibioticagebruik) zo laag mogelijk te houden, het werkplezier van melkveehouders te verhogen én dierwelzijn verder te verbeteren. Mellema:“Ik had een weiland vol met witte klaver ingezaaid. Het was fantastisch om te zien. Het leuke is dat onze buurman ook heel enthousiast werd.” Het kan ook wel eens verkeerd uitpakken. Zo werd alles een keer door de ganzen opgevreten, en daar kun je dan niets tegen doen. Hetzelfde kan ook gebeuren met kuikens. Ik had vijf grutto nesten in mijn land. Van de kuikens is niets meer vernomen, dat kwam door predatie. Dat zijn roofdieren zoals steenmarters, roofvogels en vossen, die beschermd zijn. Dus je kunt er niets tegen doen. Net als de ooievaars, prachtig om te zien maar die er veel te veel zijn op dit moment.” Van der Leeuw: “Het weidevogelbeheer had het afgelopen jaar bij mij wel mooie resultaten.”

Het is ook de bedoeling zoveel mogelijk akkerranden bloemrijk te laten worden. Uniek is de samenwerking met Stichting Bloeiend Boerenland, waarbij burgers voor 1 euro per m2 bloeiende akkerranden kunnen doneren. Zo wordt de boer financieel gesteund. Hij/zij krijgt hiervoor een bodemonderzoek en zal zich moeten houden aan de gestelde voorwaarden. Er hebben zich al veel boeren opgegeven. Het doel is te komen tot een bloeiende akkerrandenroute in de vorm van een fiets/wandelroute. In een daarbij behorend boekwerk kan ingegaan worden op de ecologie in de context van de huidige crisis. Ook biedt het educatief mogelijkheden. Er wordt zoveel mogelijk samengewerkt met andere initiatieven op het gebied van biodiversiteit en natuurlijk de horeca en toeristensector (zie ook www.bloeiendboerenland.nl).

Beide boeren willen tenslotte nog aangeven dat ze van goede wil zijn en bereid zich in te zetten voor het behoud van de natuur en ons mooie landschap. Ze hopen op begrip en zijn positief in de beweging die de landbouw maakt, al is die nog niet altijd even zichtbaar.

Japke Weij