Het Gaasterdjip wordt weer met de hand uitgebaggerd

Drachten

Het Gaasterdjip is weer een beetje dieper. Deze week is er handmatig gebaggerd, zoals dat eeuwenlang werd gedaan.

Donderdag gaf het Human Power Plant een Workshop Handmatig Baggerenvoor belangstellenden in cultureel erfgoed. Het Human Power Plant heeft aan het Gaasterdjip de Bagger Kolonie Friesland opgericht, de eerste baggerkolonie van de 21ste eeuw. Het Human Power Plant project onderzoekt de mogelijkheden van menselijke energieproductie in een moderne maatschappij. Daarbij richt het HPP aan het Gaasterdjip haar aandacht op een steunpilaar van de Nederlandse economie: de baggerindustrie. Discussies over duurzaamheid gaan meestal over huizen, auto’s en apparaten, maar hoe zit het dan met grote infrastructuurprojecten en onderhoudswerken? Als vaarwegen en havens een paar jaar niet zouden worden uitgebaggerd, dan komt de Nederlandse economie letterlijk tot stilstand. Moderne baggermachinesgebruiken echter enorme hoeveelheden olie, wat niet duurzaam is.

Spierkracht

De Nederlandse vaarwegen en havens werden eeuwenlang met de hand uitgebaggerd, gebruik makend van zeer eenvoudige gereedschappen. Wat als we dat opnieuw zouden (moeten) doen? Menskracht is de meest duurzame energiebron die er bestaat, maar hoeveel mensen hebben we nodig om de vaarwegen en havens open te houden met alleen maar spierkracht? Waar halen we die mensen vandaan? En kunnen we technologie ontwikkelen die door mensen aangedreven baggerwerkzaamheden efficiënter maakt? Deze vragen worden in Drachten onderzocht.

Tijdens de workshop van donderdag is een natuurlijke haven met de hand uitgebaggerd, daarbij gebruik makend van oude types gereedschappen die de deelnemers zelf hebben gebouwd. Zo wilden ze achterhalen welke baggertechnieken het beste werken en uitvinden hoe lang het duurt om met de hand een kubieke meter slib naar boven te halen. Met die resultaten kunnen ze berekenen hoeveel mensen er nodig zijn om de provincie en het hele land met alleen maar menskracht uit te baggeren.

Foto’s Harry van der Linde