Coalitievorming Smallingerland wordt 'oars as oars'

Drachten

Informateur Ton Baas heeft in opdracht van Yntze de Vries, fractievoorzitter van de ELP, een concept raadsprogramma op hoofdlijnen opgesteld. Volgende week dinsdag is er een ronde Tafel over het programma, donderdag 26 april wordt er over besloten door de fracties.

In dit raadsprogramma legt de raad als collectief vast op welke speerpunten de komende vier jaar de nadruk ligt. Deze thema's zijn:
- Inwoners centraal
- Open bestuursstijl
- Gemeenschappelijke regelingen
- Sociaal Domein
- Inzet op duurzaamheid en energietransitie
- Financiën op orde
- Economie
- Goede en veilige woon- en leefomgeving voor iedereen
- Goed onderwijs

In het raadsprogramma worden deze thema's toegelicht. De inbreng voor dit programma is geleverd door alle partijen die in de gemeenteraad zijn vertegenwoordigd. Volgende week dinsdag, 24 april vanaf 19.00 uur, vindt er een Ronde Tafel plaats over dit programma. Hier kunnen ook burgers aan deelnemen. Daarvoor kunnen belangstellenden zich aanmelden via griffie@smallingerland.nl

Besluitvorming over het raadsprogramma is donderdag 26 april tijdens een extra raadsvergadering. Daarna gaat Ton Baas verder met de fracties in gesprek over het vormen van een college. Het doel is om partijen bij elkaar te zoeken die gezamenlijk en op een zelfde wijze de thema's willen uitwerken, dan wel samen afspreken welke politieke keuzes gemaakt gaan worden.

Hieronder het concept raadsprogramma:

Inleiding
Na de verkiezingen van 21 maart heeft de ELP als grootste fractie in de raad het initiatief genomen om het (in)formatieproces op te starten. Op zaterdag 24 maart is door de ELP met alle fracties uit de
raad een verkennend gesprek gevoerd. Vervolgens is de heer Ton Baas door de ELP aangezocht om het (in)formatieproces verder op gang te brengen en te sturen. Uw raad heeft vervolgens
kennisgenomen van de opdracht zoals de ELP die aan de heer Baas heeft verstrekt. Op woensdag 28 maart is er op verzoek van de ELP een openbare bijeenkomst geweest met alle fracties van de raad.
In deze "duidingsbijeenkomst" hebben alle fracties hun licht laten schijnen op de verkiezingsuitslag. Op basis van de opbrengt van deze bijeenkomst en de onderliggende opdracht is de heer Baas met
ondersteuning vanuit de ambtelijke organisatie verder aan de slag gegaan. Hij heeft met alle fracties een gesprek gevoerd. Zijn conclusie uit deze gesprekken is dat er in lijn met de voorliggende opdracht draagvlak is voor het maken van een raadsprogramma.

Alvorens in te gaan op het verdere verloop van het proces zoals de heer Baas dat voorstelt, is het goed eerst kort in te gaan op aard en karakter van het raadsprogramma zoals de heer Baas dat in
opdracht van de ELP door de raad wil laten vaststellen.

Raadsprogramma

De "klassieke" werkwijze zoals die nog steeds bij veel gemeenten wordt gehanteerd is dat er na de verkiezingen een coalitie wordt gevormd die direct gekoppeld aan dat coalitievormingsproces een
coalitieakkoord met een bijbehorend programma vaststelt. De ELP heeft aangegeven de gehele raad vooraf een nadrukkelijker rol te willen geven alvorens er een coalitie en een coalitieprogramma
gevormd wordt, maar ook in het vervolg ziet de ELP een belangrijke rol weggelegd voor de raad. Daarmee wordt recht gedaan aan de duale en kaderstellende rol van de raad en krijgt de raad als
collectief meer gezicht richting het college. In het informatieproces is gebleken dat er een breed draagvlak is voor deze aanpak.

De (in)formateur heeft dan ook langs deze denklijn verder gewerkt. Hij heeft in de gesprekken met de fracties de belangrijkste thema's opgehaald waar de raad de komende vier jaar aan wil werken. Deze thema's vormen gezamenlijk het raadsprogramma. Feitelijk is het een soort geprioriteerde agenda van onderwerpen die de raad voor de komende vier jaar belangrijk vindt en behandeld wil zien. In het raadsprogramma wordt per thema niet direct een richting of oplossing voorgesteld. Dat is een volgende stap die op het bord komt te liggen van een nog te vormen coalitie. Uit de raad wordt een werkgroep samengesteld die namens de raad voorstellen doet over de wijze waarop de in het raadsprogramma benoemde thema's worden uitgewerkt. Daarbij doet de werkgroep voorstellen aan het college over de planning van de onderwerpen uit het programma.

Coalitievorming

Onderzocht wordt hoe de opdracht aan deze werkgroep zich verhoudt tot het werk van de Voorbereidingscommissie (VBC) en de activiteiten van de Werkgroep 8 maart. De Werkgroep 8 maart zal vooral voorstellen doen die betrekking hebben op de ontwikkeling van de werkwijze van de raad op de langere termijn.

Nadat de raad het raadsprogramma heeft vastgesteld is de volgende stap die de heer Baas voorstelt het proces van coalitievorming. Fracties moeten elkaar op basis van de in het raadsprogramma vastgelegde thema's vinden in de wijze waarop die thema's uitgewerkt gaan worden en af gaan spreken welke politieke keuzes daarbij gemaakt worden. Direct gekoppeld daaraan komt de collegevorming in beeld.

1. Inwoners centraal

De raad stelt de inwoners in onze gemeente centraal. Uitgangspunt bij beleidsontwikkeling en ontwikkeling en uitvoering van activiteiten is dan ook omgevingsgericht werken met als doel de betrokkenheid van inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties te versterken door participatie. De raad weet van de organisatieontwikkeling “In Beweging” die gericht is op een ambtelijke organisatie die flexibel in kan spelen op wat op de gemeente afkomt. De raad vindt dat in dat proces ook aandacht moet zijn voor een andere cultuur. In contact met de omgeving en werken vanuit het vertrekpunt: "luisteren, durven, leren en opgave gestuurd."

Een dienstverlenende houding dient centraal te staan, met aandacht voor de één-loket-gedachte. De raad hanteert als uitgangspunt: “Eigen verantwoordelijkheid waar het kan en de gemeente aan zet waar het moet.” Vanuit dat uitgangspunt willen we naar minder regels. De raad wil dat in 2019 een concrete aanpak voor vermindering van de regeldruk is opgesteld. De raad is van mening dat bij een geschil (klacht of bezwaar) de nadruk moet liggen op informele beslechting daarvan. De raad heeft op 11 juli 2017 een motie aangenomen, waarin het college is verzocht de mogelijkheid voor het instellen van een onafhankelijke gemeentelijke ombudsfunctie te verkennen. In aanvulling daarop is de raad van mening, dat daarin ook de instelling van een onafhankelijke bezwarencommissie meegenomen dient te worden in die verkenning. Bestaande regelingen dienen ook in dat licht te worden bekeken.

2. Open bestuursstijl

Het gemeentebestuur hanteert een open bestuursstijl en betrekt inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties in een vroegtijdig stadium bij het beleid om in een open wisselwerking met meerdere scenario's tot besluitvorming te komen. Inwoners krijgen voldoende ruimte voor een eigen inbreng. Initiatieven worden positief benaderd en verdienen een snelle reactie. Het college borgt dat de ambtelijke organisatie eveneens vanuit deze open stijl werkt en wordt ingericht. Ieder jaar wordt dit met de raad geëvalueerd. Wijk- en dorpsraden zijn voor het gemeentebestuur belangrijke gesprekspartners. Het benutten van kennis en ervaring van deze raden is van wezenlijk belang.

Wethouders selecteren we op zorgvuldige wijze met oog voor persoonlijke kennis, kunde en kwaliteit en het vermogen om in collegiaal verband te werken. De raad onderstreept nadrukkelijk deze aanpak. De raad wordt tijdig betrokken bij beleidsontwikkelingen. De ingezette werkwijze, waarbij in voorkomend geval met de raad een procesnotitie wordt opgesteld, zetten we voort. Een werkgroep uit de gemeenteraad (de "werkgroep 8 maart") heeft de afgelopen jaren de gemeenteraad geadviseerd over verschillende zaken die met het functioneren van de raad te maken hebben. Het betreft adviezen gericht op de doorontwikkeling van de gemeenteraad als collectief. De raad onderstreept de meerwaarde van deze werkgroep. De werkgroep heeft een voorstel gedaan over de voortgang en de keuzes in het vernieuwingsproces. De raad zal hierover nog een besluit nemen. De raad is zich bewust van zijn rol als volksvertegenwoordiger. Raadsleden zijn zichtbaar in onze gemeente. De raad is niet alleen actief binnen de raadszaal maar gaat ook op pad om in contact te komen met inwoners, bedrijven en maatschappelijke instellingen. Een voorbeeld hiervan is dat de raad volgens een vast te stellen schema alle dorpen periodiek bezoekt.

De raad heeft in 2017 voor het eerst gebruik gemaakt van zijn bevoegdheid om een onderzoekscommissie op grond van de Gemeentewet in te stellen. De ontwikkelingen rond de verbouw van schouwburg De Lawei gaven de raad daar aanleiding toe. De uitkomsten van het onderzoek worden in de eerste helft van 2018 gepresenteerd. Het gaat er om lering te trekken uit het project en de vertaling daarvan in concrete actiepunten voor toekomstige (grote) projecten. De raad verwacht dat het college de aanbevelingen van de onderzoekscommissie in de tweede helft van 2018 heeft omgezet in concrete acties.

3. Gemeenschappelijke regelingen

Onder andere door de toenemende taken die bij de gemeenten zijn en worden belegd, zijn gemeenschappelijke regelingen op meerdere beleidsvelden onontkoombaar. Door deze ontwikkelingen is de situatie ontstaan dat de raad op een te grote afstand is komen te staan. De raad hecht aan een betere grip op de gemeenschappelijke regelingen waaraan Smallingerland deelneemt. De raad verwacht in de loop van 2018 een plan van aanpak van het college die moet leiden tot voorstellen voor een betere positionering van de raad.

4. Sociaal domein

In 2018 legt het college een startnotitie voor een integraal beleidsplan sociaal domein 2019 –2022 aan de raad voor. Daarin is aandacht voor eventuele herijking van het gemeentelijk beleid met betrekking tot de Wet maatschappelijke ondersteuning, de Jeugdwet en de Participatiewet. In de startnotitie worden de visie, de uitgangspunten en het proces beschreven. De raad wordt hier vroegtijdig bij betrokken. Gezien de discrepantie tussen het vastgestelde beleid en de beleving van de doelgroep die het beleid ‘ondergaat’, is het goed een onderzoek te doen naar de wijze waarop het beleid wordt beleefd en uitgevoerd.

De inzet zit niet alleen in het organiseren van zorg en een vangnet voor onze inwoners. Juist de focus op werk is speerpunt en zal dat moeten blijven, omdat werk een belangrijke "sociale motor" is. Het zorgt niet alleen voor inkomen maar is in velerlei opzichten een middel voor sociale integratie en participatie in de samenleving. Het is belangrijk dat we als gemeente daar op inzetten. Niet alleen via het onderwijs maar ook via stimulering van de economie en het bieden van alternatieve mogelijkheden als betaald werk voor tijdelijke of voor een langere periode geen optie is.

Voor de raad ligt de basis voor doorontwikkeling en versterking van de jeugdzorg en van het sociaal domein in het rekenkamerrapport “Jeugdzorg, geen zorg voor later” en het rekenkamerrapport ""Samen Thuis Wmo 2015". De raad heeft besloten de aanbevelingen uit beide rapporten over te nemen en de uitvoering, de monitoring en de terugkoppeling aan het college opgedragen. In de komende periode moet verder invulling worden gegeven aan de aanbevelingen.

De raad verwacht periodiek en op nader te bepalen wijze mondeling en schriftelijke informatie over de ontwikkelingen binnen het sociaal domein. De raad onderkent het belang van deze informatieoverdracht. Schuldenproblematiek, eenzaamheid, de opvang van verwarde personen, kinderen die in kwetsbare situaties verkeren en jeugdzorg in zijn algemeenheid zijn actuele onderwerpen, die blijvend aandacht verdienen. Deze onderwerpen kunnen niet los van elkaar worden gezien en vragen om een integrale benadering. De inzet van het gemeentebestuur moet in samenwerking met maatschappelijke organisaties, gericht zijn op vroegsignalering en preventie. De raad is van mening, dat een duidelijke visie op deze samenhangende problematiek gewenst is.

Gemeenten zien hun publieke taken en verantwoordelijkheden toenemen. Er komen nieuwe doelgroepen bij die op basis van gemeentelijke financiering vervoerd moeten worden naar verschillende vormen van dagbesteding, dagopvang, verzorging en hulpverlening. Daarnaast vergrijst de bevolking en moet en wil men langer zelfstandig blijven wonen. Laagdrempelig vervoer is een vereiste om mee te kunnen blijven doen en vereenzaming tegen te gaan. Bijvoorbeeld voor bezoeken van kennissen, winkelen, maar ook huisartsbezoek e.d. is het beleid dat ouderen langer zelfstandig blijven wonen. De raad vindt dat onderzoek moet plaatsvinden naar de mogelijkheden om hiervoor voorzieningen te realiseren. Bijvoorbeeld in de vorm van bundeling van doelgroepenvervoer.

Via de Gemeenschappelijke regeling SW ‘Fryslân’ voert Caparis de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) uit. Eind 2017 heeft Caparis het herstructureringsplan “Lokaal maatwerk, regionaal netwerk” opgesteld. Basisvoorstel hierin is de transformatie van Caparis naar een sociale onderneming die zich profileert als leerwerkbedrijf. De raad moet zich nog uitspreken over het herstructureringsplan, waarbij het van wezenlijk belang is dat de raad voldoende tijd krijgt om tot een standpunt te komen.

De gemeente faciliteert de noodopvang voor uitgeprocedeerde asielzoekers die meewerken aan hun terugkeer naar het land van herkomst of op een andere manier toch nog een redelijke kans hebben op een rechtmatig verblijf in Nederland. De regeling loopt tot 2019. De raad spreekt zich in de tweede helft van 2018 uit over het wel of niet behouden van de noodopvang. In 2015 heeft de raad extra middelen toegekend voor de integratie van de grote instroom van statushouders. Eind 2018 wordt dit beleid geëvalueerd en moet de raad beoordelen of het beleid in deze vorm wordt voortgezet.

5. Inzet op duurzaamheid en energietransitie

De gemeente Smallingerland is een millenniumgemeente. Deze titel is verouderd en de millenniumdoelen zijn vervangen door 17 duurzame ontwikkelingsdoelen (Global Goals) om
de wereld tot een betere plek te maken in 2030. Ontwikkelingsdoelen gericht op een rechtvaardige, eerlijke en duurzame wereld. Vanuit een positieve grondhouding moet worden gekeken naar aansluiting bij de campagne Global Goals gemeenten en gebruik kan worden gemaakt van de mogelijkheden die deze campagne biedt voor bijvoorbeeld het beleid op het gebied van duurzaamheid en de invoering van de Omgevingswet.

De raad heeft de Routekaart Duurzaamheid 2040 vastgesteld. Voor de periode 2018 – 2021 is jaarlijks een structureel budget beschikbaar. De raad hecht aan een voortvarende aanpak van de uitvoering van de Routekaart. Daarbij geeft de gemeente het goede voorbeeld door een voortvarende aanpak van de verduurzaming van het gemeentelijk wagenpark en gemeentelijke gebouwen. Initiatieven vanuit de samenleving benaderen we positief.

De raad heeft zich uitgesproken voor energietransitie, zoals neergelegd in het Klimaatakkoord van Parijs. In de Routekaart Duurzaamheid 2040 is aangegeven, dat De duurzame energie opwek binnen de gemeente voornamelijk zal bestaan uit zonne-energie gecombineerd met een duurzame warmtevoorziening. Er worden geen grote windturbines geplaatst. De raad wil geen medewerking verlenen aan de ontwikkeling van nieuwe gaslocaties in Smallingerland, tenzij wet- en regelgeving daartoe verplicht. Overheden en andere partijen zijn in Friesland bezig met de ontwikkeling van de Friese energiestrategie met als doel in 2050 energieneutraal te zijn. Smallingerland is betrokken bij de ontwikkeling van de Friese energiestrategie. Het feit dat de strategie er vanuit gaat dat er veel van onderop gebeurt, vraagt om een gedegen wijze van besturen om de doelen te halen. Daartoe zullen partijen het komende half jaar onderzoeken welke ambtelijke en bestuurlijke samenwerkingsstructuren mogelijk en nodig zijn. De raad wenst hier vroegtijdig bij te worden betrokken.

6. Financiën op orde

Het (financieel) Beleidsplan 2018-2021 is in november 2017 unaniem door de gemeenteraad vastgesteld. De uitgangspunten van het gemeentelijk financieel beleid zijn daarmee breed gedragen. Deze uitgangspunten zijn:
- een structureel sluitende meerjarenbegroting
- reëel ramen van baten en lasten, met een jaarlijkse indexering voor de trendmatige ontwikkelingen voor lonen en prijzen.
- tarieven voor de gemeentelijke belastingen en heffingen volgen de trendmatige ontwikkelingen voor lonen en prijzen.
- bestemmingsheffingen 100% kostendekkend
- beschikbaarheid van voldoende weerstandsvermogen
- de taakstelling van € 2,3 miljoen, opgenomen in het beleidsplan 2018-2021, wordt gerealiseerd binnen de baten en lasten van het Programma Sociaal Domein.

De structurele financiële ruimte in het Beleidsplan 2018-2021 bedraagt € 2 miljoen. Deze structurele ruimte is beschikbaar indien de taakstellende besparing van totaal € 2,3 miljoen (jaarschijf 2018 en 2019) gerealiseerd wordt. De vrij besteedbare eenmalige ruimte (algemene reserve) is per eind 2021 € 0,4 miljoen. Daarnaast wordt een weerstandsvermogen (algemeen, grondexploitaties, verbonden partijen en risicobuffer) aangehouden, waarvan de hoogte op basis van de ingeschatte financiële risico's jaarlijks wordt vastgesteld. Het weerstandsvermogen voor 2018 is door de gemeenteraad vastgesteld op € 25,3 miljoen.

Om de komende jaren blijvend over eenmalige middelen te kunnen blijven beschikken (als aanjaag kapitaal, incidentele uitgaven/subsidie etc.) moet onderzocht worden of de ondergrens van € 1 miljoen, bij investeringen met een maatschappelijk nut, nog passend is in relatie tot de beschikbaarheid en investeringswensen. Het verlagen van deze ondergrens verlegt de druk naar de structurele middelen (toename kapitaallasten).

7. Economie

De raad wil een goed vestigingsklimaat. De gemeente creëert randvoorwaarden om de noodzakelijke economische continuïteit te waarborgen, groei te bevorderen en bedrijven te ondersteunen. Ook ten aanzien van ondernemers wil de raad naar minder regels en betere dienstverlening door bijvoorbeeld een ondernemersloket in te stellen. De raad spreekt zich uit voor de realisering van een nieuwe vaarweg naar Drachten. De vaarroute is voor de economische ontwikkeling van Drachten noodzakelijk. Bovendien leidt dit tot meer veiligheid op het water, tot de ontwikkeling van duurzaam vervoer, CO2-reductie, uitbreiding van de waterberging en het versterken van natuurwaarden. De raad realiseert zich dat een participatie in de totale kosten onontkoombaar is. Samen met de ontwikkeling van het project "Oudega aan het water" en uitvoering van de visie Waterfront draagt dit ook bij aan de toeristische ontwikkeling.

Met het oog op de verdere economische ontwikkeling en goede bereikbaarheid blijft een snelle ov-verbinding met de Randstad noodzakelijk. Samenwerking met provincies en gemeentes acht de raad van groot belang. Binnen de bestaande wet- en regelgeving wordt ingezet op het betrekken van diensten en levering van goederen bij lokale bedrijven. Bij inkopen en aanbestedingen wordt ook 'social return' meegewogen overeenkomstig de Friese Eis. De gemeente blijft de samenwerking zoeken met de provincie Fryslân, andere gemeenten en bedrijven, om in de huidige netwerkeconomie op strategisch niveau verbindingen te behouden en aan te gaan. Op een aantal thema's werken we samen in F4-verband. De raad hecht aan intensivering van die contacten.

Het Innovatiecluster Drachten is zeer succesvol en groeit in aantal projecten en deelnemende bedrijven. De gemeente is in ieder geval tot 2020 betrokken bij het Innovatiecluster. Voor de fase na 2020 dient de raad een keuze te maken of en hoe de gemeente een rol wil blijven spelen in het Innovatiecluster. Smallingerland beschikt over een robuuste economie met van oudsher een sterke nadruk op de maakindustrie. De raad vindt dat onverkort moet worden ingezet op behoud en uitbreiding hiervan. Daarbij hoort een goede acquisitiestrategie en promotie- en relatiemanagement. De raad verwacht een herijking hiervan om te komen tot een adequate presentatie van de gemeente.

In Nederland wordt veelvuldig een discussie gevoerd over grootschalige landbouw en intensieve veehouderij. Deze discussie gaat ook aan Smallingerland niet voorbij. De raad wil daar de komende periode een standpunt over innemen, waarbij nadrukkelijke rekening wordt gehouden met een vitaal buitengebied en een goede balans tussen landbouw, natuur en recreatie.

Het centrum van Drachten heeft de afgelopen jaren een metamorfose ondergaan. De raad is van mening dat het centrum aantrekkelijk moet zijn voor winkelend publiek en gevestigde en nieuwe ondernemers. Belangrijk is dat wordt gekeken naar herijking van het detailhandelsbeleid en het parkeren aantrekkelijk blijft, met als inzet dat de leegstand zoveel mogelijk beperkt blijft. Ook de openingstijden spelen daar een rol in. Diverse zaken, zoals het parkeren, het ondernemersfonds, centrummanagement Dr8888 en het Masterplan Centrum worden de komende periode geëvalueerd. De raad wordt hier tijdig betrokken.

8. Goede en veilige woon- en leefomgeving voor iedereen

De raad hecht bijzondere waarde aan de toevoeging “voor iedereen”. De raad wil dat onderzocht wordt of de gemeente invulling kan gaan geven aan de Inclusie agenda, die is gebaseerd op het VN-verdrag voor rechten van mensen met een beperking. Daarbij moet ook de mogelijkheid worden betrokken om een stimuleringsfonds toegankelijkheid in te stellen ter ondersteuning van bedrijven en instellingen die hun toegankelijkheid willen verbeteren.

Er dient een flexibeler woonprogramma te komen met meer aandacht voor het bouwen van woningen in de dorpen. Daarbij moet ook aandacht zijn voor de realisering van sociale woningbouw en alternatieve woonvormen, zoals tiny-houses. Er moet ruimte zijn voor plannen en initiatieven voor woningbouw vanuit de gemeenschap. Bijvoorbeeld in de vorm van collectief particulier opdrachtgeverschap, zoals dat ook bij de ontwikkeling van de Peinder Mieden is toegepast.

De gemeente is in hoge mate verantwoordelijk voor de veiligheid op wegen, fietspaden, voetpaden. De gemeente neemt daarin ook haar verantwoordelijkheid. Daarbij moet nadrukkelijk aandacht zijn voor de kwetsbare verkeersdeelnemers. De raad heeft in 2011 de Integrale toekomstvisie Smallingerland vastgesteld. In de Visie zijn scenario’s geschetst voor de korte termijn (2020) en voor de lange termijn (2040). Met de invoering van de Omgevingswet in 2021 stellen we als gemeente een nieuwe visie op. Een strategische visie voor de lange termijn voor de gehele fysieke leefomgeving (met aandacht voor lucht, bodem en water, maar ook gezondheid en cultuur).

De startnotitie omgevingsvisie is door de raad vastgesteld. Het project wordt ingezet vanuit het principe van omgevingsgericht werken. De raad wordt conform de afspraken betrokken bij het proces. Op basis van een verkenning is vastgesteld dat er behoefte is aan uitbreiding van het aantal woonwagenstandplaatsen. Hiermee wordt uitvoering gegeven aan het door de raad vastgestelde woonbeleid voor specifieke doelgroepen. Aan de raad verwacht een voorstel over de locaties en de financiële consequenties van de uitbreiding. Ook hier moet de omgeving in voldoende mate worden betrokken bij de besluitvorming.

De raad heeft een principe besluit genomen over de realisering van een nieuw zwembad, waarbij de discussie nog moet worden gevoerd over het financieel kader en locatie. De toekomstige bestemming van de huidige locatie is onderdeel van die discussie. Het beheer van de openbare ruimte door de gemeente is mede bepalend voor een goede en veilige woon- en leefomgeving.  Hiervoor ontvangt de raad een Integraal beheerplan openbare ruimte aan de hand waarvan de raad kan sturen op gewenste kwaliteit en financiële middelen.

De aanwezigheid van zwaar verwaarloosde gebouwen of plaatsen op diverse plekken in de gemeente doet sterk afbreuk aan de leefomgeving. De raad is van mening dat moet worden ingezet op de aanpak hiervan. Hiervoor wil de raad een plan van aanpak ontvangen waarin de verschillende opties aan de raad worden voorgelegd.

Veel huishoudens en bedrijven, met name in de buitengebieden, hebben op dit moment geen snel internet. Dit heeft directe gevolgen voor de aantrekkelijkheid en leefbaarheid van deze gebieden. De raad is bekend met het initiatief van de provincie Fryslân voor de aanleg van snel internet in de Friese buitengebieden. De uitrol in het buitengebied van Smallingerland dient op de kortst mogelijke termijn in gang te worden gezet.

Een goede leefomgeving wordt ook bepaald door het aanbod van kunst en cultuur. Smallingerland kent een groot scala aan grote muzikale en culturele evenementen. De gemeente blijft het organiseren van evenementen faciliteren. De raad heeft in zijn vergadering van 12 juli 2016 de cultuurnota "Leven met cultuur, Libje mei Kultuer" vastgesteld. In de cultuurnota zijn zeven ambities met betrekking tot ons cultureel erfgoed vastgelegd. De nota heeft een looptijd tot 2020. De raad onderschrijft het belang van behoud en ontwikkeling van het cultureel erfgoed. Ook als belangrijk onderdeel van de te ontwikkelen omgevingsvisie. De raad wil tijdig in gesprek met het college over het cultuurbeleid voor de periode na 2020.

Museum Dr8888 is door de gemeente in zijn visie op weg naar de Culturele Hoofdstad Leeuwarden – Fryslân 2018 en is daarin ook financieel gesteund. Het Museum is bezig een beleidsplan voor de komende jaren op te stellen. Op basis daarvan zal de raad in discussie gaan over de visie op het museum en de financiële ondersteuning. De raad heeft de motie Frysk taalbelied vastgesteld, waarin is aangegeven dat hiervoor een procesnotitie aan de raad moet worden voorgelegd. De raad verwacht, dat dit in 2018 plaats zal vinden. De uitvoering van de notitie vindt plaats door het college waarbij de raad zorgt voor de monitoring en bewaking van het proces.

Veiligheidsbeleid vraagt om een samenhangend pakket aan maatregelen. De tweejaarlijkse Wijkatlas is een belangrijke 'vinger aan de pols' voor de ontwikkelingen in het fysieke en sociale woonklimaat in de wijken, buurten en dorpen. Het veiligheidsbeleid is vastgelegd in de Kadernota Veiligheid 2015 – 2018. Evaluatie van de Kadernota vindt plaats in de loop van 2018 en omgezet in een Kadernota voor de volgende periode. Daarbij moet ook aandacht zijn voor de aanpak van georganiseerde ondermijnende criminaliteit.

9. Goed onderwijs

De gemeente is verantwoordelijk voor een goede onderwijshuisvesting voor het primair onderwijs, het voortgezet onderwijs en het speciaal onderwijs. Met de bouw van nieuwe scholen is hierin de afgelopen jaren goed inhoud aan gegeven. Voor de komende jaren wenst de raad een notitie te ontvangen waarin inzicht wordt gegeven in de belangrijkste toekomstige ontwikkelingen en die daarnaast handvatten biedt voor de controlerende en taakstellende rol van de gemeenteraad. In die notitie dient ook het binnenmilieu van de scholen te worden betrokken, omdat landelijk blijkt dat het binnenmilieu in veel gevallen niet optimaal is.

Samen Kansrijk is een proces, waarin de scholen voor speciaal onderwijs (4 t/m 12 jaar) hebben besloten tot vergaande samenwerking. Onderdeel van de samenwerking is de realisering van een nieuw gemeenschappelijke gebouw. Dit is opgenomen op de lange termijn huisvestingsagenda. De raad zal in de loop van 2018 hier een besluit over nemen. De raad onderschrijft de waarde van een gestructureerd samenwerkingsverband tussen onderwijs, ondernemingen en overheid met als doel aandacht voor kwetsbare jongeren, maar ook aandacht voor de (door)ontwikkeling van ons bedrijfsleven en de rol van het menselijk kapitaal daarbinnen.

We willen jong talent aantrekken en behouden voor onze gemeente, maatschappelijk ondernemerschap stimuleren en (jonge) startende ondernemers stimuleren. Voor een optimale ontwikkeling moeten bedrijven, onderwijs/kennisinstellingen samen optrekken. Waar dat nog niet het geval is, ligt er een faciliterende rol voor de gemeente. De raad vindt dat daar nadrukkelijker op moet worden ingezet. De raad verwacht een voorstel op basis waarvan de beleidsmatige en financiële kaders voor het structureren van het samenwerkingsverband kunnen worden vastgesteld.

Niet alleen bij jongeren, maar ook bij ouderen is de kans op langdurige werkloosheid hoog. Op basis van hun vaak lange werkervaring hebben ze voldoende kansen en mogelijkheden om weer toe te treden tot de arbeidsmarkt, echter hun leeftijd zit ze tegen. Aandacht voor deze groep is erg belangrijk omdat het verlies van een baan grote gevolgen kan hebben voor de persoonlijke en sociale situatie van de persoon. Het is bovendien belangrijk dat iedereen zo lang mogelijk kan doorwerken en kan participeren in de maatschappij. De raad vindt dat ook hier in samenspraak met het onderwijs en ondernemingen nadrukkelijk moet worden ingezet op de aanpak van langdurige werkloosheid van ouderen.

Laaggeletterdheid is in Smallingerland een probleem van serieuze omvang. Het heeft een relatie met o.a. gezondheid, (jeugd)zorg, onderwijs, welzijn en armoede. Om hier actief op te acteren heeft de raad een Plan van Aanpak vastgesteld met een looptijd tot 2019. Hiermee is Smallingerland voorloper op dit gebied in Noord-Nederland. De raad heeft voor 2018 en 2019 ook middelen beschikbaar gesteld. De raad onderschrijft het grote belang van voortzetting van de actieve aanpak van laaggeletterdheid. Vroegtijdige schoolverlaters is belangrijk onderwerp dat heeft geleid tot het landelijke opgestelde Thuiszitterspact om het aantal thuiszitters terug te dringen. Evenals laaggeletterdheid heeft vroegtijdig thuiszitten een relatie met andere sociale problematiek. Een adequate aanpak in samenwerking met onderwijsinstellingen is dan ook essentieel.


Auteur

Fokke Wester Redacteur