Tjeerd van Bekkum heeft nergens spijt van

DRACHTEN

Tjeerd van Bekkum is tot vrijdagavond twaalf uur burgemeester van Smallingerland, daarna neemt Tom van Mourik de ambtsketting van hem over. Van Bekkum is vanaf zaterdag directeur van Leeuwarden/Fryslân 2018. De Drachtster Courant hield op de valreep een uitgebreid gesprek met hem.

Tekst en foto's Fokke Wester Van burgemeester naar directeur van Kulturele Haadstêd, dat is een flinke stap. Heeft u er lang over moeten nadenken? Nee, ik heb er niet lang mee rondgelopen. Ik werd op een dinsdag gebeld door Lieven Bertels, de huidige artistiek leider. Die zei tegen me: 'Ik heb je nodig. Ik heb iemand nodig zoals jij, want we komen nu in de fase waarin er dingen gebeuren die niet mijn ding zijn. Een bestuurder die hier bekend is, die kan praten met bestuurders, de Friezen begrijpt, het bedrijfsleven begrijpt en die de mensen een kant op kan krijgen. Die de mienskip in beweging kan krijgen. Ik heb jou nodig.' Dit was op de dinsdag na Pinksteren. Toen wist Lieven Bertels al dat hij een nieuwe baan zou krijgen bij Walmart in Amerika? Nee. Maar ik wilde best wel eens met hem praten. Want wat vraag je nou precies? Dus heb ik een afspraak gemaakt voor een week later, ook op dinsdagavond. Maar die vrijdag werd ik gebeld door Wiebe Wieling, de voorzitter van de Raad van Toezicht van LF2018. Die zei: 'Tjeerd, wij vragen jou om de club te gaan trekken, want Lieven Bertels heeft ontslag genomen'. Ik zei: maar ik ben geen artistiek leider. Dat vond ik toch wel een dingetje. Wacht even. Dus tussen die dinsdag en de vrijdag heeft Lieven Bertels... Blijkbaar het besluit genomen om te vertrekken. Volgens Wieling zou Bertels vertrekken per 1 september. 'En wij willen graag jou per direct hebben om de kar te trekken. Want jouw naam wordt genoemd als iemand die dat kan.' Ik zeg: daar wil ik best met je over praten, ik heb dinsdagavond toch al die afspraak staan in Leeuwarden. En dat werd gewoon een heel goed gesprek. Ook over: wie ben je als mens en wat verwacht je van mij. En hij proefde wel aan mij dat ik fan ben van Kulturele Haadstêd. En ik kon ook wel de dingen benoemen uit de beeldvorming, waardoor de mensen zeggen: wat is dit allemaal, wat moeten ze. Maar het betekende wel dat ik geen burgemeester meer zou kunnen zijn. En dit is wel mijn geboorteplaats. Hij vroeg dit namens de Raad van Toezicht. Toen heb ik gezegd dat hij ook moest overleggen met de mensen die een grote verantwoordelijkheid hebben: gedeputeerde Sietske Poepjes, burgemeester Ferd Crone en wethouder Sjoerd Feitsma van Leeuwarden. Dat hadden ze dus nog niet gedaan. Nee, ze wilden eerst kijken of ik het wilde doen. Nou, ik wilde wel, maar ik wilde dan ook bestuurlijke draagkracht hebben. Dat hebben ze woensdag gedaan en toen werd ik om half zeven gebeld, in de auto op weg naar huis. 'We zitten hier bij elkaar en wij vragen of jij dit wilt doen'. Toen heb ik ja gezegd. En thuis heb ik tegen Petra gezegd: ik ga het doen. Twee uur later zat ik in het gemeentehuis tegenover het presidium. Dat was inderdaad snel beslist. Ja, maar tussen het telefoontje van Lieven en het gesprek met Wiebe heb ik met een aantal mensen gesproken. Petra was de eerste die zei: 'Ik zie je hart bonken, dit moet je doen. Ik zie je glunderen, jij wilt dit.' En zo voelde het ook. Dit was wel een klus die niet vaak voorbij komt. En je wordt gevraagd, dat is heel eervol. Vervolgens ga je ook rationeel nadenken, over afbreukrisico, heit en mem, geboorteplaats, vijf jaar bestuur, twaalf jaar burgemeester. Ik heb wat mensen gebeld in Drachten, paar oude vrienden, bestuurders. En ook maar even met de Commissaris, Arno Brok. Die was niet blij, trouwens. Maar hij begreep het wel, want dit moet wel een succes worden voor Friesland. Dus het is schluss, twee jaar contract en daarna zien we wel weer. Wordt het een succes, dan heb ik daaraan meegedaan. Wordt het geen succes, dan kan ik er een boek over schrijven. Ik leer heel snel, maar in die zin spring ik ergens in. Maar ik doe het wel, want het is een vraag uit een bepaalde hoek en van een bepaald niveau. Blijkbaar heb ik het in Friesland goed gedaan. En dat is goed voor Smallingerland en jammer voor Smallingerland. Waarom is het goed voor Smallingerland? Ze kunnen hier blijkbaar bestuurders goed opvoeden en afleveren. Twee deuren verder zit een collegabestuurder op dit moment haar bureau uit te ruimen. Ja. Hoort er ook bij, he? Het was dus ook een emotionele beslissing. Ja, ik heb nog steeds de stelling dat het burgemeesterschap in je geboorteplaats anders is dan in een andere gemeente. Omdat je veel meer binding hebt. Ik zie nu een collega verkassen naar een grotere stad. Prima. Maar voor mij was groter niet een optie. Daar zat ik ook niet op te wachten. Jullie hadden geen carrière planning? Nee, heb ik nooit aan gedaan. Sterker nog, twee weken voor dat telefoontje was ik nog bij de Commissaris geweest, om te praten over de herbenoeming. Hij vroeg me: 'Wat gaan we doen?' Ik zei: ik wil wel de herbenoeming in. Het Foppe de Haanmodel, zo lang mogelijk blijven. Nee. Bij mijn sollicitatie indertijd heb ik meteen gezegd dat ik niet de eeuwige burgemeester ben. Verwacht niet dat ik hier twintig jaar zit. Wat was dan de ambitie? Petra en ik hebben ons dit jaar ingeschreven voor een cursus binnen het Nederlands Genootschap van Burgemeesters, voor loopbaanperspectief. Om een stukje bewustwording te krijgen van hoe het leven is na het burgemeesterschap. Want ik had al gehoord dat het niet makkelijk is om na het burgemeesterschap een baan te vinden. Dat is ook de reden dat veel mensen in dit ambt blijven hangen. Daar ga je samen in, omdat ook je partner een rol heeft in het geheel. Ik heb altijd gezegd: zolang mijn ouders nog leven, is er geen discussie. Dat is dus nu wel anders, maar ik blijf dichtbij. Maar we hebben wel altijd gekeken. Ik ben nu heel veel bezig met coachen, sparren, advocaat van de duivel spelen, workshops geven. Ik hou er van om op het podium te staan en dagcongressen te leiden, dat soort dingen. Maar ik heb tegen Arno Brok gezegd: over een jaar of drie, vier, en dat had ik ook al tegen de raad gezegd, als je dan een goede klus hebt voor mij, een gemeente die in de shit zit of zo, dan ga ik voor die klus. Maar dat is nooit planmatig geweest. Ik moet wel uitdaging hebben. En die had ik hier ook nog wel, maar nu komt dit voorbij en ik vind het gewoon eervol dat ze aan mij gedacht hebben. En ik ben wel een cultuurman, theaterman. Ik heb zelf gespeeld, ik vind het een geweldige wereld. Voor mij is het een vernieuwing, ik kom in een wereld vol dynamiek terecht. Het is een wereld vol dynamiek, maar u zit wel aan de bestuurlijke kant daarvan. Dat betekent nog steeds vergaderen, overleg, lobbyen, zeuren om geld. Nee, dat hoeft niet meer. Dat is allemaal rond. De budgetten zijn toegevoegd door de Staten, dat is allemaal klaar. Wat we nu moeten doen is marketing, marketing, marketing. Op de zeepkist staan, gezicht laten zien, praten, sponsoring, bedrijfsleven. En uiteindelijk een goede uitvoering van het programma. Het programma is nu definitief rond en de mienskipsprojecten ook bijna. Hier in Drachten is Aperta Finestra nog bezig met de laatste dingen om de financiën rond te krijgen, dat is go-no go. En dat geldt voor meer projecten van volgend jaar. Daarnaast praat je over de Blokhuispoort en marketing met Merk Fryslân, die nu explodeert in groei en na een jaar weer in elkaar klapt. Dus je moet ook werken aan saamhorigheid en alle neuzen één kant op krijgen. En je moet de lijnen leggen. Wat is uw voornaamste taak. Ik ben eindverantwoordelijk voor het hele project. Dus steeds vinger aan de pols, alles in de gaten houden, omarmen en verspreiden. Ja. Van begin tot eind. Het heeft een programma 2018 en het heeft een legacy. En die legacy wordt nu ontwikkeld, die is bijna klaar. Dan is er nog een vervolgprogramma. Want Rotterdam heeft ook altijd gesproken over een legacy. Maar we zijn nu twintig jaar verder en er is nog steeds geen legacy. LF2018 wil daar serieus werk van maken en heeft daar nu ook geld tegenaan gegooid. Wat moet die legacy dan uiteindelijk opleveren. Ik moet er nog induiken. Dat moet je mij over twee maanden vragen, anders ga ik hier een legacy bedenken waar zij nu al mee bezig zijn. Anders dan, wat hoopt u dat er over tien jaar is overgebleven van die Culturele Hoofdstad. Dit is de kans om het merk Fryslân body te geven. En echt Fryslân ook collectief op de kaart te blijven zetten. En niet alleen om waar we vroeger bekend om waren, de skûtsjes en de tradities, maar ook om onze economische kracht. Kijk, die elf fonteinen zijn geen doorsneefonteinen. Ze zijn de moeite waard om hierheen te komen. Het verblijftoerisme moet op het land komen. Het water zie je afnemen, dus je moet een nieuw toerisme aanboren. Je moet gewoon de sprong maken naar de volgende decennia. En dat gaan we ook doen. Het leeft hier nog niet zo. Wat kan het Drachten en Smallingerland opleveren? Ik denk dat voor Drachten en Smallingerland cultuur een van de dragers is van haar leefbaarheid en succes. Zonder cultuur is er geen leven. Cultuur draagt het leven, nu, vroeger en in de toekomst. Ik denk dat Smallingerland fors investeert daarin, structureel. En de grap is: als je de raad vraagt waar we op moeten bezuinigen, dan is cultuur het eerste dat wordt genoemd. Maar kijk je waar het meeste geld aan wordt uitgegeven, dan is dat cultuur. Toenemend. Als je het vraagt, dan krijg je het, want er is wel geld in Smallingerland. Als industriestad dragen wij cultuur een warm hart toe. Voordat zich dat gaat vertalen in meer toeristen moet er wel wat meer gebeuren. Daarvoor moet het Waterfront echt een succes worden en meer gedaan worden aan verblijfsrecreatie. Want anders blijft het 'passing by'. Ons winkelcentrum is nog niet een unique selling point. Met 50.000 inwoners is cultuur gewoon het bindmiddel. De Omkearde Staking in Houtigehage, dat was echt super. Ik heb die mensen uitgedaagd om volgend jaar ook weer wat te gaan doen. Kom op, laat Houtigehage zien. Op zo'n moment straalt zo'n dorp die eenheid inderdaad ook uit. Ik heb dat meegemaakt in Marum , waar ik heb meegedaan aan openluchtspelen. En ik heb gezien wat voor bindmiddel dat is als je dat om het jaar kunt doen. Meegedaan, echt als acteur? Ja, in het begin als burgemeester en daarna in andere rollen. En het niveau groeit en het trekt heel veel mensen. Het bindt als je een stukje geschiedenis of een stuk toekomst uitbeeldt. Maar hier zijn we ook van de moderne kunst. En het is de uitdaging om dat vast te houden. Want ons museum... Ik ga niet zeggen wat er moet gebeuren, maar als je De Stijl wilt laten blijven, dan is er een basis nodig. En die is er nog niet. Als je nu eens die binnentuin overkapt, dan krijgt het Museum zoveel meer mogelijkheden. Exact. Daar raak je echt een punt. Daar moet straks wel een keuze in worden gemaakt. Als je kijkt naar het museum en de museumwoning, dan ontbreekt daar nog behoorlijk wat geld voor de toekomst. En dan hebben we het alleen nog maar over het handhaven van het huidige niveau. Als je een echt museum wilt hebben, dan moet je een goed museumgebouw hebben, of dat nu een atrium er overheen is of een heel nieuw gebouw. Kijk, zo'n Fries Museum, dat kunnen we niet betalen, maar dan komt wel de discussie of jij met 55.000 inwoners groot genoeg bent om zo'n voorziening te dragen. Ik zeg niet meteen dat je een schaalvergroting moet hebben, maar wij financieren hier wel een zwembad voor de hele regio. De ambitie is in Smallingerland groot genoeg. De ambitie is groot genoeg en financieel gezien lijken we er goed voor te staan, maar er komen nog een paar harde tijden op ons af. Tot nu toe zijn we er goed vanaf gekomen. Bij de laatste Rijkscirculaire is er enorm veel extra geld naar Smallingerland gekomen. Zes miljoen euro, structureel. Daardoor staan we in de plus. Maar we zijn er nog niet als het gaat om decentralisatie, als het gaat om jeugdzorg, openbaar groen en dat soort zaken. Als je goed wilt investeren in het museum heb je het over enkele tonnen structureel er bij. Dan hebben we het niet over de Museumwoning, laat staan dat je nieuw wilt bouwen. Maar je moet ambitie hebben, anders komt het er nooit. En zo nu en dan moet je de durf en de ballen hebben om projecten aan te gaan waarvan iedereen zegt: mot dat nou? De Drachtstervaart bijvoorbeeld. Ik ben daar gewoon lyrisch over. En iedereen vindt dat nu een succes, maar een paar jaar geleden vond iedereen het flauwekul. Dus je moet zo nu en dan die sprong maken, ook al kan het achteraf een foute zijn. En accepteren dat het misschien niet zijn geld oplevert. Cultuur kost geld. Maar het is gewoon je smeerolie, je bindmiddel. En dat geld gaat niet het afvoerputje in, dat geld gaat naar mensen, naar activiteiten, dus het geeft ook reuring. Het moet gewoon gebeuren, denk ik. Maar dan moet de politiek daar wel de ruimte voor hebben, want het is wel het eerste wat in beeld komt bij bezuinigingen, net als infrastructuur. Maar volgens mij gaat het gewoon heel goed in Smallingerland, ook economisch. Aan bedrijventerrein is een tekort straks. Maar je moet geen Smallingerlands denken hebben, maar regiodenken. Vroeger was Smallingerland een van de grootste gemeenten in Friesland, maar door de fusies her en der, Noordoost, Súdwest, wordt het een van de kleinsten. Moeten we niet eens om ons heen gaan kijken. Nee, niet nodig. Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen hebben al een bondje en als de OWO-gemeenten Opsterland, Weststellingwerf en Ooststellingwerf ook bij elkaar gaan... Nee, gebeurt niet. ... dan zit je daar als kleintje tussenin. Klopt, maar mijn ervaring, komend van een kleine naar een grote gemeente, is dat een gemeente van deze omvang je voldoende positie geeft in alles. Ook omdat we economisch heel sterk zijn, dat scheelt natuurlijk wel. Als het nodig is, dan is het meer in het belang van de buren, dan van ons. Dat hebben we ook altijd gezegd: We willen best samengaan. Als jullie het vragen, gaan we het daar over hebben, maar dan is het wel een big bang en niet vrijen, vrijen, vrijen, kijken, kijken, kijken. Maar als je kijkt naar onze vitaliteit, museum, zwembad, Vaarweg, dat moet met collectief geld. De provincie betaalt niet alles, dus daar moet je het met de buurgemeenten over hebben. Maar hoe krijg je Opsterland zover dat ze meebetalen aan de Lawei, aan het zwembad. Dat gebeurt dus ook niet. Dat kan alleen maar als je één gemeente bent. En voorlopig kunnen we het allemaal nog wel betalen. We hebben financieel geen probleem. De meeste fusies zijn noodzakelijk uit armoede. Dat geldt voor kerken, scholen, noem maar op. En hier is geen armoede, nog. Maar als je wacht tot het zover is, ben je te laat. Dan heb je geen sturende rol meer. Nee, maar je moet nooit samenvoegen om financiële redenen. Je hebt niks aan een arme buur. Maar waar doen we het voor, voor de inwoners. Kijk maar op de publieke tribune: hier zitten echt niet meer mensen dan in Marum. Dichterbij, dat speelt allemaal niet. Maar in schaal zit ook een beperking. Ik denk dat 100.000 echt wel het maximum is, alleen al vanwege het gebied. Dus als de dienstverlening door een gemeente alleen in stand kan worden gehouden met gemeenschappelijke regelingen of samenwerking met buurgemeenten, dan is dat uit democratisch oogpunt niet handig. Want dan heeft de raad niets meer in te brengen. En wij houden onze eigen broek op. Wij hebben voldoende capaciteit en kwaliteit in huis. Hier is de eerste vijf, zes jaar geen reden voor schaalvergroting. Stel dat het niets wordt tussen Tytsjerksteradiel en Achtkarspelen en de laatste besluit om het gebied op te delen. Het bovenste stuk bij Dokkum en het onderste bij Drachten. Dan gaan wij daar direct over praten. Toen ik hier kwam heb ik ingesteld dat wij elk jaar een dag op pad gaan met de colleges van die beide buurgemeenten. Om de beurt gastheer, we moeten elkaar kennen als colleges. Dat geeft ook een beetje aan welke kant wij opkijken. En dat is ook de realiteit. Want Smallingerland-Heerenveen dat is geen optie, alleen met Opsterland is geen optie en de Stellingwerven is niet ons gebied. Dus als je je richt op een toekomstige vergroting, dan kijk je met name naar die buurgemeenten. En zij kijken ook naar ons. Maar het is niet nodig, voor beiden niet. Dus het staat nu niet op de agenda. En groter geeft ook niet bepaalde posities. Meer. Vroeger was Leeuwarden automatisch de voorzitter en de een na grootste de vicevoorzitter. Tegenwoordig kijken we wie de kwaliteit heeft. En de capaciteit. Ik denk wel dat het goed is voor de inwoners als je gemeentes hebt die voldoende groot zijn. De ingewikkeldheid van de vraagstukken waarmee de gemeente te maken krijgt, wordt steeds groter. Dan mag je gewoon de expertise in huis verwachten. Een kleine gemeente, dat is gewoon lastig, dat moet je niet meer willen. Laat Achtkarspelen en Tytsjerksteradiel maar lekker met elkaar knuffelen. Maar op het moment dat zij zeggen 'We gaan naar een fusie', laat ze dan ook echt serieus kijken naar de buurgemeente. En zich afvragen of je niet in één keer een goeie klap moet maken, want dan zit je rond de 100.000 inwoners met zijn drieën. Dan zien we wel wat Opsterland doet. Dus pas als het tot een echte fusie komt, ziet u de kans om aan te haken. Dat denk ik wel, ja. En dan wordt het de gemeente Drachten. Ha! Kijk aan. Ik heb nu vijf jaar ervaring daarmee. Als ik zeg Smallingerland kijken ze me scheel aan in heel Nederland en als je zegt Drachten, ja, dat weten ze wel. En Drachten is door dat Innovatiecluster nu echt overal bekend, dus in die zin moet je je kracht uiten. Hoe lang blijft die naam nog, wordt er ondertussen niet gesproken over Innovatiecluster Noord-Nederland? Die discussie is laatst net gevoerd en voorlopig gaan ze de komende jaren door op de Innovatiecluster Drachten. Dat is dan toch een naam die doet voorkomen alsof het een cluster is die bij elkaar zit. Zij gebruiken dus ook Drachten als een sterk merk. Ja. Jullie zijn blijven wonen in Marum. Hoe kijkt u als Marumer naar Drachten. Ik heb ervaren dat er tussen Friesland en Groningen een harde grens zit. In Marum moet ik elke keer vertellen wat er in Drachten gebeurt. Dat is raar, want het is wel een buurgemeente. Ja, maar ze lezen daar het Dagblad van het Noorden en die schrijft niet over Friesland. En de Leeuwarder Courant schrijft niet over Marum. Terwijl een derde van Marum Fries is. Is Marum misschien een optie om te 'annexeren'? In de Skiedingdiscussie heb ik gezegd: leg die grens maar een paar kilometer verderop, haha. Toen ik hier binnenkwam lag er nog steeds een uitspraak van de gemeenteraden van Smallingerland en Heerenveen, dat als de herindeling niet zou lukken, die beide gemeenten samen zouden gaan. Toen hebben Tjeerd en Tjeerd even met elkaar gepraat en gezegd, dat gaat niet gebeuren. Maar dan moest het wel van tafel. Toen gaf de raad mij de opdracht om in de buurgemeenten te kijken hoe die er in stonden. Jannie Vlietstra was op dat moment in Marum waarnemer. Dus ik kom bij Jannie en Jannie zei: ik weet wel hoe het moet. Jannie volgde het nodale principe, dus om een grote plaats heen. Ze had in het Noorden veertien grote gemeenten getekend. Dan zouden Marum en Grootegast, dus alles hier omheen, bij Drachten gevoegd worden. Nog geen maand later belt Max van den Berg op. 'We moeten eens praten'. De CdK van Groningen. Ja, we zouden nog eens bijpraten. Hij zei meteen: 'We gaan die grens niet over'. Veertien dagen later zat ik bij de Friese gedeputeerde Tineke Schokker. Die zei: 'Tjeerd, we gaan die grens niet over'. Dat is inderdaad raar. Voor het Westerkwartier is het straks een probleem dat ze niet een grote kern hebben. Dus ik denk dat het model van Drachten met een groot gebied er omheen heel goed zou werken. Maar dat is nog ver weg. En helemaal als je naar de cultuuraspecten kijkt. Wat had u nog graag willen doen in Drachten, als u langer was gebleven. De burgemeester heeft hier weinig portefeuilles, dus moet hij er veel omheen doen. Netwerken. Waar ik graag nog mijn tanden in had willen zetten is de reorganisatie op het gemeentehuis. De cultuur is al veranderd, nu is de directeur aan zet. En het is nooit af, maar die reorganisatie kan ik nu ook loslaten. Dat gaat ook zonder mij wel door. Een andere grote uitdaging hier is het centrum. In een volgend college zou ik daar toch graag een steviger positie in willen hebben. Uw voorganger Pieter van der Zaag had als burgemeester nog Economische Zaken in zijn portefeuille. Ja, maar dat gaat niet meer gebeuren. Is ook niet meer verstandig. Het is heel goed om daarin afstand te houden. Ik zou ook nooit de portefeuille Centrum willen hebben, maar als burgemeester kun je wel meer aanjagen en mensen samenbrengen. Daarnaast is er nog een aantal andere projecten die zo langzamerhand op de tekentafel moeten komen te liggen. De komende jaren had ik nog wel graag doorgejakkerd op de Vaarweg, bijvoorbeeld. Verder lopen de dingen hier ook wel. Het is nooit klaar, maar het zwembad hebben we nu gedaan en daar ben ik blij om. Daar heb ik een mooie rol in kunnen spelen. Het geld is geregeld. De investeringsagenda is eigenlijk helemaal in uitvoering, dus dat is voor de komende jaren ook klaar. Economisch gaat het steeds beter en het Innovatiecluster staat nu. Nu zouden we nog de slag moeten maken dat ook de maakindustrie hier werkelijk komt. En het allernieuwste, waar ik me graag meer mee had willen bemoeien is: hoe ga je om met Caparis. Dat is een politiek dossier, maar uiteindelijk moet je daar ook als burgemeester in meebewegen. Ik heb dat eerder in het Westerkwartier gedaan, werken naar vermogen, zelfde verhaal. Wat is hier misgegaan. Veel te groot, acht gemeentes. Je moet elkaar ook ruimte durven geven. En je moet voorkomen dat het over de ruggen van die mensen gaat. Je moet knopen durven doorhakken, wetende dat de wereld er over zes jaar weer heel anders uit ziet. Als iedereen daar heel diep in wil gaan zitten, met eigen modellen en dienstverleningsconcepten, dan gaan we er niet uitkomen. En uiteindelijk draait Caparis heel goed. Die bestuurlijke onrust zorgt ook voor onrust op de werkvloer. Terecht. En ik herken dat, want in het Westerkwartier heb ik voor de hele groep gestaan. Je moet ook rust geven. En uiteindelijk ben ik voor solidariteit. Dat klinkt niet echt als een VVD'er. Nee, dat zeggen er wel meer. Is dat een compliment? Ik vond dat van Jos (van der Horst, SP-wethouder, red.) een compliment. Wat is uw oudste herinnering aan Drachten. Het landen van koningin Juliana, met een helikopter op het Kiryat Onoplein. En het meelopen in de optocht op Koninginnedagen. Ik heb heel veel in het zwembad gelegen, in het openluchtzwembad. Wie heeft ooit verzonnen om de overdekte Welle te bouwen? Dat openluchtzwembad was mij heilig, in mijn jonge jaren. Daar hebben wij heel veel gezwommen. We hebben ook best wel op veel plekken hier gewoond. Ik ben geboren op de Stelpswijk en toen naar de Fabriciuslaan. Toen Van Knobelsdorff dood ging, woonden wij daar tegenover. Ik zat op de basisschool aan de Gauke Boelensstrat, want toen was de Drait er nog niet. De school aan de Ids Wiersmahof verhuisde toen naar de Drait. Ik heb nog een foto van mezelf bij het monument, daar was toen verder nog helemaal niks. Daar is later de Bredeschool voor in de plaats gekomen. Hoe is het dan om hier later als burgemeester terug te komen. Dat is dubbel. In Marum was ik gewoon de dorpsburgemeester. Meedoen met spelletjes, klompen aan, overall, toneelspelen. Toen ik hier binnenkwam werd toch wel gezegd van 'burgemeester'. Dat wist ik wel, maar ik realiseerde het me later pas. Ik ben wel mezelf gebleven, dat scheelt. Hier wordt er wel anders tegenaan gekeken. Wat ik hier wel heb, vooral bij jubilerende bruidsparen, dat ze vragen: 'Binne jo ien fan Van Bekkum fan it Mûnein? Ik kin jo heit wol, hear'. Dat vind ik super. Ja, heel herkenbaar: fan wa bist der ien. Merkte u ook dat mensen het leuk vonden dat u een echte Drachtster was. Ja, dat is wel een dingetje. Ien fan ús. Ja. 'Jo begripe my wol'. Ik denk dat ik wel heel veel aan het imago van mijn vader heb gehad. Hij was volgens mij wel heel erg geliefd hier, een prettige man. Dan heb je ook meteen een aanknopingspunt. En je ziet bijna nergens in Nederland dat iemand burgemeester is in zijn geboorteplaats. Ik krijg nu ook berichtjes van oud-klasgenootjes: wat hoor ik nou, ga je weg uit Drachten? Het maakte het wel makkelijker. Je kent de straten, ik heb vroeger zelfs nog voor geschiedenis een onderzoek gedaan naar het ontstaan van de Vaarten hier, dan weet je ook een beetje hoe het zat met de turf en de sluizen. We kwamen u ook tegen bij de opening van de nieuwbouw van Liudger, waar u zelf op school hebt gezeten. Ja, ik heb nog een deel van de oude kapstok gekregen. Ik zei: ik wil voorkomen dat het wordt gesloopt, want al mijn andere oude scholen waren ook al gesloopt. Het heeft niets geholpen. Ik vind het nog steeds jammer dat die school is verdwenen, maar het is niet anders. En het is leuk om in je oude school te vertellen dat je negen jaar op die school hebt gezeten. Dan kijken ze je aan: Negen jaar?? Eerst havo en toen vwo? Ja, en nog een keertje blijven zitten. Burgemeester zijn van Smallingerland was een machtige tijd. Je hebt hier je voetsporen en je ouders wonen hier en je schoonouders, je schoolvrienden. Het heeft me niets negatiefs gebracht. Want er is wel een afbreukrisico. Als je niet goed land, als het niet goed klikt, of als al het personeelsgedoe dat hier speelde op jou neerdaalt, dan ga je met pek en veren weg. Waarom zijn jullie nooit verhuisd naar Smallingerland. Heel simpel, het huis heeft al die jaren in de verkoop gestaan. En de eerste viereneenhalf jaar, tot en met kerst vorig jaar, hebben we twee kijkers gehad. Vanaf januari was het bal, de ene kijker na de andere. In de week dat het telefoontje kwam, de vrijdag voor pinksteren, kwamen er nog mensen kijken, en op die dinsdag weer. Dus in een keer werd het serieus. Alle huizen gingen ook weg in Marum, dat loopt toch wel wat achter. Het zat er echt aan te komen, we hadden daarom voor de zomervakantie ook niets gepland. We waren er op gericht om een ander huis te zoeken. Dat is wel zuur, kun je eindelijk echt naar Drachten... Ja, maar na dat gesprek met Wiebe Wieling zei Petra: 'Als jij een contract voor twee jaar krijgt, dan verkopen we het huis niet. Anders kunnen we straks over twee jaar weer verhuizen'. Dus die heeft de donderdags het bord uit de tuin getrokken en tegen de makelaar gezegd: kappen. Ja, dat snap ik wel, het is niet anders. We wonen daar ook prima. Het gaat hier in Smallingerland heel snel met de huizen, dus we waren al aan het kijken. We dachten aan iets dat Jos gaat doen, een woonark. En ook in de Peinder Mieden hebben we gekeken, omdat we daar vrij konden bouwen. En we hebben wel ideeën over tuin en living en alles gericht op koken en zo. De kinderen zijn nu de deur uit, dat maakt ook verschil. Dan zoek je een ander huis dan we vijf jaar geleden zouden hebben uitgezocht. We stonden aan de vooravond, maar nu hoeft het niet meer. De nieuwe functie is tot juli 2019, dus over twee jaar zit u weer zonder baan. Wat dan? Nog geen flauw idee. Het is ook afhankelijk van of het een succes is en hoeveel energie ik dan heb. Wanneer is het een succes? Ja, naar wie kijk je. Als uiteindelijk iedereen zegt dat het goed gedaan is. Vorig jaar zijn jullie naar San Sebastian geweest, toen CH. Toen wisten jullie nog niet wat je nu weet, maar hoe kijkt u daar op terug. Als je San Sebastian binnenkwam, en dat heb ik ook gezien in Riga, moest je goed zoeken om te ontdekken dat ze culturele hoofdstad waren. En alles was door de overheid gefinancierd. Het blijkt heel moeilijk om dikke bedragen binnen te krijgen uit het bedrijfsleven. Maar het is dus wel zaak om het straks goed uit te dragen, te laten zien. Exact. En dan zijn banieren niet genoeg, maar daar begint het wel mee. Hier voor het gemeentehuis hangt nu de Stijlvlag. Je moet het wel zichtbaar maken, als je wilt dat het gaat leven. Maar als je 800 Mienskipsprojecten hebt, dan moet dat wel goed komen. De kritiek is vaak dat het om Leeuwarden gaat en dat de rest van Friesland wordt vergeten. Toen ik een paar jaar geleden mee ging naar Riga, dat als Culturele Hoofdstad werd gepresenteerd, hoorde ik voor het eerst over Leeuwarden Culturele Hoofdstad. Toen zei ik meteen: Leeuwarden? Friesland! Nou is mij recent pas uitgelegd waarom dat was. Ze zijn de wedstrijd ingegaan als Friesland, maar toen werd heel nadrukkelijk gesteld: dat kan niet, je moet een stad nomineren. Alleen een stad. En toen is het Leeuwarden geworden. En daar hebben ze het ook op gewonnen, want Eindhoven en Maastricht betrokken er beide de omgeving bij. Vervolgens zie je dat het programma wel de regio meeneemt. En nu zit er een andere jury in Brussel, andere mensen met een andere kijk, en die willen de omgeving, niet alleen meer de stad. Er worden nu ook steden aangewezen met maar 7000 inwoners. Sindsdien ben ik alleen maar bezig met uitleggen, vanochtend nog bij een echtpaar. Als je het programma bekijkt, dat is 40 procent in Leeuwarden en 60 procent daarbuiten. Maar dat landt nog niet. De vergelijking wordt vaak gemaakt met Simmer 2000. Maar dat moeten we niet hebben. Waarom niet. Omdat we Europese Culturele Hoofdstad zijn. Dat betekent dat er een internationale dimensie aan zit. Het moet veel meer naar buiten. Het moet niet alleen de Friezen wat te bieden hebben, we krijgen hier ook een heleboel niet-Friezen. Die internationale programmering is ook een vereiste. Het moet ook laten zien hoe wij als Friezen omgaan met de vraagstukken van vandaag en morgen. Asielzoekers, jongeren. Bij de laatste Simmerdeis viel op dat er meer jongeren waren dan ooit en ook meer mensen met een niet-Westerse achtergrond. Dat is ook een van de belangrijke thema's van Kulturele Haadstêd, die integratie. Maar ook die uiting. Hoe betrek je ze er bij? Hier doen ze blijkbaar iets goed. Ja, Simmerdeis gaat waarschijnlijk ook toegevoegd worden aan het hoofdprogramma van KH18. Maar ik word vanaf maandag helemaal door het programma heen genomen. Ik heb al het een en ander gedaan, maar nog niet betaald. Tot vrijdagavond twaalf uur ben ik burgemeester en vanaf dat moment is Tom van Mourik het. Die overgang is ook wettelijk zo bepaald. Het heeft veel gerommeld deze collegeperiode. Eerst Nieske Ketelaar weg en deze week stapte Marja Krans nog op. Ja, het is geen gemakkelijke collegeperiode geweest. Marja heeft ook gewoon de pech dat zij een dossier in haar portefeuille kreeg waarvan je van tevoren al wist dat het lastig kon worden. Maar daar ben je bestuurlijk wel voor verantwoordelijk. Dat geldt voor mij ook, ik heb ook dingen geërfd. Nou, prima. En Nieske komt uiteindelijk ook gewoon het leven tegen, dat is van een andere orde. Die kon het werk prima aan, maar de combinatie van hoe ze het werk heeft gedaan en het leven, maakt uiteindelijk dat ze een burn-out heeft gekregen. En dat kan iedereen overkomen. Dat willen we niet, maar het kan wel. Wat doet u om het te voorkomen. Wat scheelt, denk ik, is dat ik een heel goed huwelijk heb. En ik heb een prima jeugd gehad, een stabiel leven. En ik ben positief ingesteld. Een stabiel leven, zegt u. Maar jullie hebben wel een zoon met een handicap en zelf heeft u ook fysieke problemen na een ski-ongeluk. Ja, maar dat maakt je ook weerbaarder. Ik hield hier op het gemeentehuis werklunches met medewerkers. Dan gaat het over wie ben je en wat doe je. En dan vertel ik ook rustig over mijn ongeluk en wat dat voor je leven betekent. Ik heb mijn rug gebroken, een tussenwervel verbrijzeld en ik heb geen gevoel meer tussen mijn bovenbeen en mijn borst. Ik hoef niet in een rolstoel te zitten, maar mensen kunnen wel zien dat ik soms anders loop, met gekromde benen. Mijn houding is daardoor wel eens lastig. Ik heb wel behoorlijke handicaps, maar dat zie je in eerste instantie niet. Dan hebben ze het beeld van een jongeman, maar bepaalde dingen doe je niet meer. Zoals commandobanen, of woeste golven, jetski, paardrijden. De rug is wel weer sterk, ik train daar ook voor, maar het zit ook tussen je oren. Ik ski wel weer. Ik kan goed skiën, heb zelfs ski-les gegeven, maar ik let er nu vooral op dat anderen mij niet omver skiën. Maar Petra en ik zorgen er ook voor dat we elk jaar een of twee trainingen doen. Dan heb je het over meditatie, ontspanning, communicatie. Dat klinkt ook niet als een echte VVD'er. Nee, inderdaad. Ook in de voeding zitten we op de lijn van biologisch en eerlijk. Dat vertaalt zich bijvoorbeeld in de manier waarop we aankijken tegen de landbouw. Daar zijn we altijd heel open in. Binnen de VVD behoor ik tot de zware linkerhoek, maar dat geeft niet, je mag de partij ook van binnenuit veranderen. Om op die burn-out terug te komen: ik kan goed slapen, ik kan goed mijn hersenen leeg maken en ik kan relativeren. En wat heel belangrijk is geweest in mijn leven, is dat ik een onafhankelijkheidsgevoel heb. Als je in de politiek begint, dan moét je dingen. Als je wethouder wilt worden, dan moeten ze je dat gunnen en zo. Sommigen doen daar heel veel aan, maar dan ben je niet meer onafhankelijk in je hoofd. Als je net als Marja je verantwoordelijkheid neemt en onafhankelijk zelf je keuzes maakt, ben je veel vrijer in je denken. En dat geeft veel meer rust. Ik werk wel veel, ik noem me ook wel workaholic, maar ik kan makkelijk ontspannen. Met name die weekeinden dat wij drie, vier dagen in retraite gaan, deze zomer zelfs een hele week, dan ga je behoorlijk diep. Daar hoort ook vuurlopen bij. En een tropische plant, waarmee je niet gaat hallucineren, maar waardoor je wel helemaal naar binnen gaat. Dan is het echt kijken wat er nog zit bij je zelf en wat er uitkomt. Ik was vroeger best wel een rationele jongen, maar... Heeft u wel eens hasj gerookt. Ik rook niet, maar weed en zo is mij niet vreemd. Opnieuw, dat klinkt ook niet als VVD. Jawel. Ik ben de aanjager hier van het legaliseren van weed. Het brengt heel veel ontspanning en rust, dat moet je niet willen verbieden. We worden dan ook wel eens gesignaleerd in de weedshop hier. Want ik stap ook gewoon naar binnen, hoor, en dan zeg ik: doe maar twee joints of zo. Gewoon eens een keer voor de ontspanning, dat is wel leuk. Je moet ook wat lol hebben in je leven, toch? En het is beter dan drinken. Je moet het ook niet te groot maken, maar het is niet iets wat bij mij taboe is. Maar alles met mate. Is er iets waar u spijt van heeft? Nee, spijt heb ik niet. Wat ik wel jammer vind is dat ik een gemeentesecretaris heb moeten laten gaan. Dat is buitengewoon jammer en dat is ook niet mijn ding. Maar op een gegeven moment werkt dat gewoon zo. Het is overigens ook een gezond model dat een directie na een jaar of zes wisselt. Je moet gewoon rouleren, iets anders gaan doen. Tijd vliegt gewoon zo snel, culturen ook, dan komt er iemand met andere energie en die prikt er weer even in. Je moet elkaar ook constant trainen, anders zakt die cultuur weer in en ontstaan er dingen die je zelf niet meer ziet. Het is ook belangrijk dat de afdelingen regelmatig contact hebben met elkaar, gewoon even horen: hoe gaat het met jou. Maar echt spijt heb ik niet. Alles wat ik gedaan heb kan ik wel verantwoorden, al zullen er best medewerkers zijn die menen dat ze recht hadden op meer, of een andere behandeling. Ik heb wel gezegd dat ze goed moet letten op mensen die ziek zijn, daar mag je wel maatwerk op leveren. En daar was dit college heel sterk in. Een van uw sterke eigenschappen vind ik zelf de communicatie. Ik ben een burgemeester van de nieuwe stempel. Afstand houden, boven de partijen staan. Als het even niet klikt tussen een gedeputeerde en een wethouder, dan ga ik een kop koffie drinken met de gedeputeerde. Maar ik ga het niet overnemen. En als er een bedrijf komt, ga ik er wel naar toe, maar dan zeg ik: dit is de wethouder die je moet hebben. Ik ben voor de mensen, de verbinding, de open communicatie. Kwetsbaar opstellen, dat is mijn ding. Dat maakt mijzelf ook sterk en daar gaat het uiteindelijk ook om. Ik hoor wel eens van collega's, die willen de rest van hun leven burgemeester blijven. Dan denk ik: hoe kun je dat nu zeggen. Ik zie heel veel, die zijn al aan het aftellen. Ik ben nu vijftig. Nog twee periodes en ik ben 62. Daar denk ik helemaal niet aan. Ik kijk niet te ver vooruit, ik leef nu om te leven. Ik ben mensgericht en daar heeft Petra mij enorm in geholpen. De schillen van je af en de rationaliteit weg. En open kijken. Als je op die manier kijkt, dan is alles oplosbaar. Ik hou van Sinterklaas, en van Koningsdag aanzwengelen. Ik ben natuurlijk wel een toneelspeler, altijd geweest. Vind ik leuk. En dat maakt ook waarom ze mij gevraagd hebben. Maandag ga ik ze allemaal toespreken. En dan niet van jongens, dit beslis ik, maar van kom op, we gaan er voor, dit doen we samen. Uiteindelijk heb je wel iemand nodig die de baas is en dat ben ik dan ook. En die wordt er dan ook op afgerekend als het fout gaat. Ja, maar ik ben een teamplayer. Ik ken collega's, die zoeken constant het succes op. Maar de Nachtegaalflat die instort, dat is ook mijn ding. Ik word rustig op het moment dat er rampen zijn, dan haal ik de mensen om mij heen en vraag ik: jongens, vertel, wat is je advies en wat gaan we regelen. Na de zomer gaan we vol die marketing in. Dat had ook niet eerder gekund, want als je alleen al ziet hoeveel moeite we hebben moeten doen om bij de gemeenten 1 euro per inwoner binnen te halen. Het grote Jeroen Boschjaar heeft zes jaar aan voorbereiding gekost, maar pas honderd dagen voor D-day zijn ze los gegaan, bam! Dat gaat hier nu ook gebeuren, maar ondertussen zijn de arrangementen natuurlijk al lang geregeld. De cultuursector weet het al lang, maar nu moeten de mensen aanhaken. De Duitsers, Belgen en Amerikanen moet het weten. En de Friezen moeten weten: volgend jaar kan ik niet op vakantie buiten Friesland, want ik kan van januari tot november overal terecht. Dan gebeuren er tig dingen. En op 26 januari ben je in een kerk aan het zingen, je bent in Ljouwert bij de opening, of je zit voor de televisie te kijken naar de live-uitzending. Dat wordt schitterend. We gaan er een mooi jaar van maken. We gaan er van genieten.

Auteur

Fokke Wester