Klaas Haanstra: 'Tot rust tussen legerhobby'

HERBAIJUM/DE

TIKE - Vanwege muziekfestivals kocht Klaas Haanstra ooit een tent om in te kunnen slapen tijdens een raceweekend. Daar zat een plunjebaal bij. Die zou leiden tot zijn imposante legerhobby.

De 40-jarige Haanstra woonde tot voor kort bij zijn ouders in De Tike. Daar zat zijn enorme collectie voornamelijk Nederlands legermateriaal vanwege ruimtegebrek in bananendozen. ,,Het werd tijd om uit huis te gaan. Niet alleen vanwege mijn leeftijd, maar ook omdat mijn hobby om ruimte vroeg. Dan ga je op Funda kijken en zie je dit”, zegt Haanstra over het voormalige schoolgebouw van IBS De Moskeflapper in Herbaijum, waar hij sinds een half jaar woont. De oude school aan de Kerkstraat in Herbaijum moest de deuren sluiten na het schooljaar van 2012/2013. Het leerlingenaantal was in de loop der tijd namelijk gedaald naar zeventien kinderen. Dat was wettelijk gezien te weinig om de basisschool zelfstandig voort te kunnen laten bestaan. Samen met zijn vader heeft Haanstra het pand schitterend verbouwd van binnen. De sfeer van het oude schoolgebouw is daarbij overeind gelaten. Ook de oude naam van de school hangt nog aan de muur. ,,Dat is een stuk historie en hoort bij het dorp. Die naam gaat er dan ook niet af.” Meteen bij binnenkomst door de oude schoolingang springt de hobby in het oog. Rechts in de oude hal hangen diverse oude zwart-witfoto’s. Terwijl links op de muur onder andere diverse beurzen worden aangekondigd. Terwijl een paar meter verder oude munitie zonder kruit staat, tenues prijken en legerjasjes op een grote stapel liggen. ,,Dat zijn er niet zoveel. Ongeveer driehonderd”, zegt Haanstra. ,,De plunjebaal die destijds bij de tent zat die ik kocht heb ik verkocht. Ik heb er toen een aantal van bijgekocht, want ik vond het wel leuk zo te handelen. Van het een is toen het ander gekomen.” Ondertussen verzamelt en verhandelt Haanstra alles van de Nederlandse landmacht van 1940 tot halverwege de jaren tachtig. ,,Het nieuwere spul hoef ik niet. Dat is imitatiemateriaal. Om aan materiaal te komen en spullen te verhandelen ga ik het hele jaar door langs braderieën en beurzen. Ik sta er zelf dan ook met een stand.” Het materiaal staat in De Moskeflapper opgeslagen in één van de oude lokalen. De stellages komen daarbij net niet tot het plafond. De briefjes die aan de schappen hangen en het feit dat Haanstra precies weet wat waar ligt, van welk leger of onderdeel het is en uit welke periode, verraadt de enorme passie. ,,Ik werk zelf bij Filtrair in Heerenveen. Als ik hier tussen mijn legermateriaal ben kom ik letterlijk tot rust. Ik denk dat ik zo’n dertig uur per week bezig ben met mijn hobby. Ik ben er alle dagen mee bezig. Het is zo mooi.” Haanstra: ,,Ik verzamel overigens het Nederlandse legermateriaal omdat dat het beste is te verhandelen onder jeugd, scouting, jagers, Keep Them Rolling en bijvoorbeeld veteranen. Duits spul heb ik eigenlijk niet. Als ik het wel heb, is het niet van dat foute materiaal. Want dan kom je al snel in een bepaald wereldje. Dat wil ik absoluut niet.”

Verhalen veteranen

Het zijn vooral de verhalen van veteranen waar Haanstra eindeloos naar kan luisteren. ,,Als de veteranen onderling in gesprek gaan komen de verhalen los. Als je dat hoort, denk je: ‘Jeetje, wat is er veel gebeurd’. Aan de jeugd wil ik dan ook de kennis doorgeven en hen via mijn hobby bij de historie bij betrekken. Weet je, ik hou van mensen en vind het leuk om onder de mensen te zijn. Ik ga dan ook met veel; plezier naar beurzen en braderieën. Daar kom je iedere keer weer kennissen en vrienden tegen. Ik ga er ook heen voor wat mensen er aanbieden. Dat vind ik prachtig.” Zelf zoekt Haanstra ook veel over de historie van het leger op via internet. ,,Ik vind wel dat je het verhaal er achter moet kunnen vertellen. Dat interesseert mij ook.” Ondanks dat Haanstra ook handelt in wat hij verzamelt, heeft hij er af en toe toch moeite mee om er afstand van te doen. ,,Dan vind ik het wel fijn als het naar een verzamelaar of een voor mij vertrouwd iemand gaat. Ik word er blij van als het materiaal een goede plek krijgt. Wat ik ook mooi vind is als bijvoorbeeld een veteraan bij mij een soortgelijk embleem vindt als die hij kwijt was.” Op de vraag of er tussen al het materiaal nog iets ontbreekt wat Haanstra graag zou willen bemachtigen, zegt hij na kort nadenken: ,,Dat zou ik eigenlijk niet weten. Ik zie altijd wel wat er op mijn pad komt. Ik ben tevreden met wat ik heb.” Wel heeft Haanstra een item wat voor hem een absoluut pronkstuk is. Dat is een pak van een Duitse kapiteinadmiraal van kort na de Tweede Wereldoorlog. ,,Dat heb ik gekocht van een vrouw uit Drachten. Die had een Duitse man. Dat pak is niet te koop.” Wie interesse heeft in het materiaal van Haanstra kan binnenkort ook op een website kijken. Daar is hij druk mee bezig. ,,Als mensen spullen willen afstaan, zou ik willen vragen om eerst eens bij mij terecht te komen.” Wie interesse heeft in het legermateriaal of spullen wil afstaan, kan een e-mail sturen naar kulaas_haanstra@hotmail.com.


Auteur

Jitze Hooghiemstra