Opsterland mag 8 monumentale beuken in eigen achtertuin toch kappen

BEETSTERZWAAG

De gemeente Opsterland mag acht beuken in de achtertuin van het gemeentehuis kappen. Bezwaren tegen de kap zijn ongegrond verklaard of niet-ontvankelijk.

Het Opsterlandse college besloot in november om zichzelf een kapvergunning te geven voor acht beuken in de achtertuin van het gemeentehuis. De interne bomendeskundige van de gemeente heeft de bomen beoordeeld. De beuken zijn onherroepelijk op hun retour. De toekomstverwachting is maximaal 5 jaar en herstel van de conditie van de beuken behoort niet meer tot de mogelijkheden. De dode takken in de kronen leveren nu gevaar op voor de passanten en het gebouw. Uitstel van executie Omdat de bomen niet lang meer te leven hebben en een steeds groter gevaar opleveren voor de omgeving, is kap volgens Opsterland de meest verstandige keuze. Eventuele maatregelen zijn slechts uitstel van executie zijn, want de bomen zijn gewoon op. Dat ze een zekere waarde hebben op het gebied van dorpsschoon telt dan niet meer. In 2015 is een ruim 150 jaar oude, enorme moerascipres in dezelfde achtertuin omgewaaid en daarbij is aanzienlijke schade aan het gemeentehuis aangericht. Gezien deze ervaring acht de gemeente het niet verantwoord het personeel en bezoekers van de achtertuin bloot te stellen aan het grote risico van omvallende bomen. Het gebruiken van gemeenschapsgelden om de levensduur van een ten dode opgeschreven boom met een paar maanden te verlengen acht de gemeente niet verantwoord. Zeer lommerrijk In Opsterland worden traditioneel soepele regels gehanteerd voor het kappen van bomen, omdat de gemeente zeer lommerrijk genoemd mag worden. De kap van de meeste bomen binnen de bebouwde kom is nu vergunningsvrij. Deze versoepeling heeft niet geleid tot een onverantwoorde kaalslag. De voorschriften van de gemeente Opsterland kennen geen categorie 'monumentale bomen', maar wel is bepaald dat eiken of beuken met een stamomtrek van minimaal 90 cm op 1,30 meter boven maaiveldhoogte niet zomaar gekapt mogen worden. Aangezien de acht beuken in de achtertuin van het Lycklamahûs aan deze criteria voldoen, is voor de kap daarvan een vergunning vereist. Vergunning te makkelijk Tegen die vergunning is bezwaar ingediend door Natuurvereniging Geaflecht en een inwoner van Beetsterzwaag, G. Hoekstra. Volgens Hoekstra en Geaflecht heeft de gemeente zichzelf de vergunning te makkelijk verleend. De acht bomen zijn volgens hen beschermde monumentale bomen, die al eeuwenlang de gemeente sieren. De bomen zijn zichtbaar vanaf de openbare weg en dus is er onvoldoende rekening gehouden met culturele en landschappelijke waarden, en stads- en dorpsschoon. Volgens Geaflecht is de kap ook in strijd met gemaakte afspraken, dat er altijd vooroverleg met de natuurvereniging moet plaatsvinden in alle gevallen waarin natuur- en milieuzaken aan de orde zijn. Volgens de bezwaarmakers is de kap niet nodig, maar zijn er alternatieve oplossingen. Ze verwijten de gemeente bovendien dat het onderzoek naar de bomen gebrekkig was en niet deskundig. Er is gebruik gemaakt van een standaard checklijst en de motivering is te summier. Geaflecht en Hoekstra verwijten de gemeenten dat die zich te veel laat leiden door vrees voor financiële gevolgen. Het argument dat de bomen te dicht op het gemeentehuis staan is volgens hen niet terecht, omdat het gemeentehuis later is gebouwd. Dat argument mag volgens de bezwaarmakers nu niet tegen de bomen worden gebruikt. Dat de kwaliteit van de bomen slecht is komt volgens hen vooral door onvoldoende onderhoud. De pannen van de gemeente voor herplant vinden ze niet toereikend en in verhouding te klein. Gevolg van nieuwbouw Volgens de gemeente hoeft Opsterland niet verplicht over elk besluit dat de natuur of het milieu betreft overleg te hebben met Geaflecht. Uit het rapport van de deskundige, die er bij is gehaald nadat de bezwaren waren ingediend, blijkt inderdaad dat de slechte toestand van de bomen voor een gevolg is van de nieuwbouw van het gemeentehuis. Bij het beoordelen van een kapaanvraag wordt echter niet gekeken naar de oorzaken van de slechte gezondheid van een boom, maar naar de risico’s. Wie verantwoordelijk is voor die slechte gezondheid is volgens de gemeente dus niet belangrijk. Ook het feit dat ze vanaf de Hoofdstraat te zien zijn, telt niet mee. Volgens Opsterland kan in dit geval niet worden voldaan aan de herplantplicht, omdat de te kappen beuken onderdeel uitmaken van een groep bomen die in feite te groot is voor de omgeving. De bomen in dit deel van de achtertuin staan zo dicht op elkaar (en het gebouw), dat zij niet allemaal volwaardige mogelijkheden hebben om volledig uit te groeien. De twee nieuwe bomen die op de zelfde plaats worden geplant krijgen juist meer mogelijkheden om te overleven. Geen zicht Volgens de Bezwarencommissie die de kwestie heeft bekeken moet het bezwaar van Hoekstra niet-ontvankelijk worden verklaard. Hij woont wel in Beetsterzwaag, maar aan de Beetsterweg. Vanaf daar heeft hij geen zicht op de te kappen bomen. En juist dat is een voorwaarde om bezwaar te kunnen maken tegen de vergunning. De Natuurvereniging Geaflecht mag wel bezwaar maken, omdat de club als doel heeft het promoten en in stand houden van natuur en landschap in Opsterland. De Bezwaarcommissie noemt het bezwaar echter ongegrond, omdat de kapvergunning niet onredelijk is. De acht beuken verkeren in een slechte staat en leveren bij omvallen een gevaar op voor de omgeving omdat ze in een openbare tuin staan en direct naast een zeer intensief gebruikt gebouw. Integer Met name het rapport van Danphe verklaart duidelijk dat maatregelen tot behoud van de bomen weinig zinvol zijn. Volgens de commissie is de gevolgde procedure zorgvuldig genoeg. Dat het externe advies de oorspronkelijke bevindingen van de gemeente ondersteunt bevestigt volgens de Commissie juist de redelijkheid van de conclusies en afwegingen van de gemeente. Daarnaast wijst de commissie er op dat de bomendeskundige van de gemeente gecertificeerd is en derhalve geacht moet worden zowel deskundig als integer te zijn.  

Auteur

Fokke Wester