Politiek schrikt van 'zwarte doos van VDM' bij Drachtstervaart en Piipbrêge

DRACHTEN

De Eerste Lokale Partij (ELP) is geschrokken van de nieuwbouw die Diervoederfabriek VDM aan de Drachtstervaart laat bouwen. Het college erkent dat het gebouw daar inderdaad minder goed past, maar alles is wel volgens de regels gegaan.

De fractie van de ELP heeft schriftelijke vragen gesteld over de uitbreiding van diervoederbedrijf VDM op het voormalig Scaniaterrein aan de Tussendiepen. VDM laat daar pal aan de Drachtstervaart een nieuwe opslagloods met kantoorruimte bouwen. Het grote, zwarte, massieve blok is een opvallende verschijning, zo vlak naast de Piipbrêge. De nieuwbouw is middels een grijze gang verbonden met het bestaande gebouw van VDM. Ook op Facebook is er al door verschillende mensen negatief gereageerd op de nieuwbouw. Oostpoort Volgens de ELP past de nieuwbouw niet bij het streven van de laatste jaren om Smallingerland en dan vooral Drachten aantrekkelijker te maken voor de toerist en met name de watersporttoerist. ,,Trots zijn wij met de nieuwe Drachtstervaart en wij zijn met zijn allen aan het onderzoeken hoe deze vaart nu aantrekkelijk kan gaan aansluiten aan het Friese merengebied, want uiteindelijk hebben wij met elkaar de ambitie om als Oostpoort van het Friese merengebied gezien te worden bij de (nationale en internationale) toerist.'' De fractie wijst er op dat een aantal jaren geleden het bestemmingsplan Tussendiepen is aangepast om de industrie langs de Drachtstervaart aantrekkelijker te maken bij het invaren naar het centrum. Daarbij is ook de mogelijkheid tot vestiging van watersportgebonden bedrijven verbeterd, zodat het aanzien van de Tussendiepen aantrekkelijker zou worden voor de watersporter. Daarnaast is onderzocht of het zogenoemde Waterfrontproject meer recreatieve mogelijkheden zou kunnen bieden. ,,Foarrich jier noch ha wy foarsteld om dêr in hotel del te setten en doe wie de wethâlder it fierhinne mei ús iens'', zegt Yntze de Vries van de ELP. Gemiste kans Van de nieuwbouw van VDM is de ELP dan ook danig geschrokken. De grote donkergrijze hal heeft een negatieve impact op de omgeving, stelt de fractie. ,,De ELP vindt dit voor het gehele project Drachtstervaart en de nog te ontwikkelen Waterfont Drachten een gemiste kans.'' De partij juicht uitbreiding van bestaande bedrijven toe, maar had die in dit geval liever op een andere plek gezien. ,,Bijvoorbeeld aan de nieuwe insteekhaven die is gerealiseerd in 2003 en waar nog steeds geen bedrijven zijn gevestigd. Ook gezien de onderzoeken naar de nieuwe vaarweg lijkt deze ontwikkeling op de huidige locatie een mismatch, want een fabriek in deze branche is bij uitstek geschikt om de grondstoffen per schip aan te voeren.'' Volgens de Vries is de nieuwbouw van VDM ook voor de gemeente zelf een verrassing geweest. De fractie van de ELP heeft het college gevraagd of er bij het verlenen van medewerking aan deze uitbreiding overwogen is om samen met de fabriek te kijken naar een andere locatie. Volgens het college van burgemeester en wethouders is dat niet het geval. De gemeente heeft daar ook geen mogelijkheden voor. Het voormalige Scaniaterrein maakt namelijk geen onderdeel uit van het bestemmingsplan Drachtstervaart. IJskast Het perceel is destijds (omstreeks 2002) op eigen risico aangekocht door Vastgoed Noord (WindGroep). Die wilde het gebruiken om er kantoren en horeca op te bouwen, die zouden aansluiten op het geplande Haveneiland aan de westzijde van de Piipbrêge. Daarover hebben gemeente en Vastgoed Noord diverse gesprekken gevoerd, maar door de economische crisis belandden de plannen op een gegeven moment in de ijskast. Vastgoed Noord heeft op 30 januari 2012 het perceel - zonder overleg met de gemeente of woningontwikkelaar AM - verkocht aan de buurman van het perceel, diervoederbedrijf VDM. ,,Op dat stuit hat de gemeente sitten te sliepen'', vindt De Vries. Nadat VDM eigenaar werd kon het bedrijf doen wat het wilde. De uitbreiding valt binnen het geldende bestemmingsplan Drachten -Tussendiepen en Noorderhogeweg en de Welstandsnota Smallingerland. De gemeente heeft diverse gesprekken gevoerd met VDM, zegt het college, om de nieuwbouw beter te laten aansluiten bij zijn omgeving. Het bedrijf heeft daarop een architect ingeschakeld bij de bouwaanvraag. Het huidige bouwplan is voor de beoogde opslag- en kantoorfunctie van het bedrijf het maximaal haalbare, stellen burgemeester en wethouders. ,,No, foar wat der no stiet hienen se net in arsjitekt ynhiere hoecht, soks kinne jo en ik ek noch wol betinke'', schampert De Vries. ,,It is miskien noch net iens sa ferkeard, mar it past dêr absolút net. By dat grutte swarte blok falt dy hiele Piipbrêge yn it neat.'' Logische keuze Volgens het college is de uitbreiding naast de bestaande fabriek een logische keuze van VDM. De nieuwbouw heeft verder geen gevolgen voor de geplande woningbouw in het Drachtstervaartgebied. De nieuwbouw heeft ook geen gevolgen voor de verkeersdrukte van en naar het bedrijf, omdat het gaat om kantoor- en opslagruimte. De aanvoer van grondstoffen is ongewijzigd. Omdat het bouwplan voldoet aan het bestemmingsplan, het Bouwbesluit, de bouwverordening en redelijke eisen van welstand, kon de gemeente niet anders dan de vergunning verlenen. De welstandscommissie Hûs en Hiem heeft bovendien een positief advies gegeven, na toetsing van het bouwplan aan de door de gemeenteraad vastgestelde welstandsrichtlijnen. De gemeente ziet dan ook geen redenen om de procedures rond het verlenen van vergunningen onder de loep te nemen. Minder gewenst Wel erkent het college in een brief aan de gemeenteraad dat ze het met de ELP eens is dat de uitbreiding nu niet op een ideale plek is gekomen. ,,De invulling van de locatie is minder gewenst vanuit het beoogde ruimtelijk (eind)beeld van de omgeving van het Drachtstervaartproject en de ideevorming als voorbereiding op de waterfrontvisie. Anderzijds is de uitbreiding van het bedrijf vanuit economisch perspectief een positieve ontwikkeling en vanuit het bedrijfsperspectief goed te begrijpen.''

Auteur

Fokke Wester